Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Dovenetel.

Dovenetel

Dovenetel betekenis

benaming voor planten uit het geslacht lipbloemige planten met bladeren die op die van de brandnetel lijken maar die niet branden

Voorbeeldzinnen (20)

Deze cultivar wordt als bonte gele dovenetel of ook wel als gevlekte gele dovenetel aangeduid.

Eén vrouwtje begint aan de paarse dovenetel te knabbelen.

De witte anjer en de witte dovenetel gaan ook verdwijnen omdat ze door de kwetsbrigade als botanisch superieur bestempeld kunnen worden?

Het landelijke verspreidingskaartje geeft mogelijk eerder inzicht in de verspreiding van de waarnemers die alert zijn op het voorkomen van Brede dovenetel, dan dat het de daadwerkelijke verspreiding weergeeft.

Hoe heerlijk zou het zijn, zo’n absurd bloeiende hondsdraf of witte dovenetel, zo’n teken dat het met de winter nu al is gedaan.

Hondsdraf, paarse dovenetel, speenkruid, dotterbloem en zelfs de eerste pinksterbloemen kleuren en versieren; een dikke hommel zoemt voorbij.

Misschien kwam het doordat hondsdraf paarser is dan de wat rozere paarse dovenetel, ik weet het niet, ik weet deze twee soorten doorgaans, dacht ik, goed uit elkaar te houden, al lijken ze op elkaar.

De paarse dovenetel bloeit alweer volop,Mag ik hier even plassen?

Eigenlijk is de dovenetel heel onschuldig en lang niet zo'n prikkebaas als zijn grotere broer de Grote Brandnetel.

Gewone Sachembij (vrouw) op Paarse dovenetel.

In onze tuin zorgen o.m. de wilde bramen, een aantal wilgen, het hartgespan, het boerenwormkruid, bieslook, de witte dovenetel en verbascums voor de nodige nectar en stuifmeel.

Typisch zinkminnende planten zijn de zinkboerenkers en de gele dovenetel, de zinkblaassilene en het zinlepelblad.

De gevlekte dovenetel komt voor langs bosranden, bij composthopen en soms langs snelwegen daar waar de grond permanent vochtig is.

De grashommel bezoekt diverse soorten planten, zoals smeerwortel, dovenetel, toorts, springzaad, gouden regen en rode- en witte klaver.

Op het erf staan de witte dovenetel, trilgras, boterbloem, hondsdraf en weet ik wat nog meer te bloeien.

Verder bestaat de begroeiing uit de zeldzame gele dovenetel, het dalkruid, de bijzondere muskuskruid en we treffen de altijd groene hulst aan.

Een harde zon schijnt op de koolaspaden, waarlangs gekneusde dovenetel groeit.

Als de kinderen in de hoek gaan koken, moeten ze zelf de hoeveelheden eerst lezen, dan natuurlijk alles verdubbelen (want ze zijn met zijn tweeën) en alles in de heksenketel roeren, daarbij zingen ze natuurlijk het liedje ‘De heks van Dovenetel’.

Dit is niet de gele dovenetel.

Doof voor een dovenetel?