Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Duimden.

Duimden

Voorbeeldzinnen (3)

Familie en vrienden, en zijzelf misschien nog wel het meest, duimden dat het deze keer wél door zou gaan.

Ze zaten een beetje het Songfestival te kijken en ze duimden voor hun favoriet, Duncan, maar opeens stond er een engel genaamd R. Jetten bij de herders.

Zij duimden niet alleen voor de jongen, maar stelden ook massaal oplossingen voor om het mobiliteitsprobleem van het kind te doen verdwijnen.