Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Duwde.
Voorbeeldzinnen (20)
Roef werd gehinderd - nota bene door de buitenspel staande Benavente - en duwde de bal zo recht op de borst van Baby, die zo in extremis de gelijkmaker over de lijn duwde.
Hij duwde mij naar beneden en terwijl ik omhoog keek zag ik hoe hij zijn geslachtsdeel uit zijn broek haalde en hem in mijn mond duwde.
Iemand duwde mij naar binnen.
Iemand duwde me naar binnen.
Hij duwde op de knop en wachtte.
De jongen duwde zijn bord weg.
Tom duwde Mary van de trap af.
Tom duwde Maria van de klif af.
Tom stootte tegen Mary aan en duwde haar bijna in het zwembad.
Hij duwde me weg.
Hij duwde me aan de kant.
Tom duwde me weg.
Ik probeerde Tom te omhelzen, maar hij duwde me weg.
Ik probeerde Tom een knuffel te geven, maar hij duwde me weg.
Sami duwde me eerst.
Tom duwde het boek weg.
Ze duwde hem van de pier.
Hij duwde de auto de heuvel af.
Ik duwde Tom weg.
Ze duwde de deur open.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl