Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Dwaalgast.

Dwaalgast

Dwaalgast | Dwaalgasten

Dwaalgast betekenis

vogel of ander vliegend dier dat slechts zelden, vaak door verdwalen, in een gebied aangetroffen wordt | iets of iemand dat niet vaak voorkomt in een bepaald gebied of tijdvak

Voorbeeldzinnen (20)

Tot 1999 beoordeelde een speciale commissie de waarnemingen van deze dwaalgast, daarna verloor de zwarte ibis de status dwaalgast.

De walrus op Schiermonnikoog is dan ook een dwaalgast, zegt een woordvoerder van Ecomare.

Als er aanwijzingen of gegronde vermoedens bestaan dat de vogel van niet-wilde herkomst is, dan wordt een dergelijke waarneming niet aanvaard als dwaalgast.

De huisgierzwaluw is een uiterst zeldzame dwaalgast in West-Europa.

De vogel is dwaalgast in Nederland.

De vogel is dwaalgast in West-Europa, maar wordt sinds 1999 steeds vaker gezien.

Deze fuik wordt al decennialang elke dag gelicht, zodat dit duidelijk een dwaalgast betrof.

In Nederland is het een onregelmatige gast, in Belgiƫ een dwaalgast.

Ook in Belgiƫ is het klein waterhoen een dwaalgast.

Was tot 50 jaar geleden een zeldzame dwaalgast in Nederland.

De haakbek is een zogenaamde dwaalgast.

Af en toe komt er een Ross' meeuw hier terecht als dwaalgast, meegevoerd op de wind.

Naast de gewone ooievaar wordt ook de zwarte ooievaar hier als dwaalgast gesignaleerd.

Een dwaalgast die in de twintigste eeuw negen keer in Nederland is vastgesteld.

Een dwaalgast die in totaal vijfmaal in Nederland is waargenomen; voor het laatst in 1977.

In Nederland werd deze soort voor het eerst vastgesteld als dwaalgast in 1978 (ringvangst).

Via de Prunjepolder-Zuid (o.a. 3 kleine zilverreigers) naar de Brouwersdam gereden, waar al dagen een 1e winter brilzee-eend wordt gemeld, een zeldzame dwaalgast uit Noord-Amerika.

Daarnaast wordt de term dwaalgast gebruikt voor een vlinder die vrijwel nooit ter plaatse is gezien.

Zeer zelden is hij als dwaalgast waar te nemen in Europa.

Het is een zeldzame dwaalgast.