Leer het woord Dwarsschuur beter kennen met 7 echte voorbeeldzinnen.
Dwarsschuur in een zin
Gebruik van Dwarsschuur
- In het voorbeeldencorpus komt dwarsschuur vaak voor in combinaties zoals: een dwarsschuur, de dwarsschuur.
Context rond Dwarsschuur
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 16.3 woorden
- Plaats in de zin: 1 begin, 3 midden, 3 einde
- Zinsoorten: 7 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Dwarsschuur
- In deze selectie staat "dwarsschuur" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 16.3 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral erbij en dateren op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "dwarsschuur".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn de dwarsschuur is uit en en een dwarsschuur dateren nog. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "dwarsschuur" dicht bij woorden als aaaa, aalbeek en aaldrik, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met dwarsschuur
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Daarnaast is er een dwarsschuur en een stal. (8 woorden)
Inmiddels is het dak van het woonhuis gerestaureerd, evenals de dwarsschuur. (11 woorden)
Enkel de inrijpoort en een dwarsschuur dateren nog uit deze periode. (11 woorden)
In 1699 werd de borg door de familie Mepsche verkocht aan het boerenechtpaar Pieter Jacobs Bos(ch) of Busch en Wiske Jacobs Scholtens, die in 1702 een schuur lieten bouwen, en later een dwarsschuur erbij, zodat de borg een boerderijfunctie kreeg. (41 woorden)
In 1835 was er sprake van een landhuis in het noorden, een boerenwoning en een dwarsschuur in het westen. (19 woorden)
Ook is er nog een dwarsschuur waarvan het vakwerk slechts gedeeltelijk versteend is. (13 woorden)
Voorbeeldzinnen (7)
In 1699 werd de borg door de familie Mepsche verkocht aan het boerenechtpaar Pieter Jacobs Bos(ch) of Busch en Wiske Jacobs Scholtens, die in 1702 een schuur lieten bouwen, en later een dwarsschuur erbij, zodat de borg een boerderijfunctie kreeg.
In 1835 was er sprake van een landhuis in het noorden, een boerenwoning en een dwarsschuur in het westen.
Inmiddels is het dak van het woonhuis gerestaureerd, evenals de dwarsschuur.
Enkel de inrijpoort en een dwarsschuur dateren nog uit deze periode.
Daarnaast is er een dwarsschuur en een stal.
De dwarsschuur is uit het 3e kwartaal van de 19e eeuw.
Ook is er nog een dwarsschuur waarvan het vakwerk slechts gedeeltelijk versteend is.
Veelvoorkomende combinaties met dwarsschuur
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- een dwarsschuur 5×
- de dwarsschuur 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "dwarsschuur" in een zin?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "dwarsschuur" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl