Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Familiegroepje.

Familiegroepje

Voorbeeldzinnen (4)

Een beverburcht wordt bewoond door een familiegroepje van drie tot negen dieren.

Je zit in een soort familiegroepje.

De meeste plekken worden echter regelmatig gebruikt door één familiegroepje, en worden soms bezocht door een solitair levende transient.

Hij speelde in een familiegroepje, de Woodman Brothers, en speelde in een groep met zijn jeugdvrienden Buddy Collette en Mingus.