Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Fietsten.
Voorbeeldzinnen (20)
We fietsten en fietsten, geen sterveling ontmoet, de dauwgroene geuren golfden traag door m’n hoofd, ik raakte al licht in trance toen plotseling iets geks m’n blik verstoorde.
Terwijl ze fietsten, werden de proefpersonen blootgesteld aan een virtuele omgeving waarin ze soms alleen fietsten en soms vergezeld werden door een ‘passieve’ avatar, die gewoon rustig meefietste.
Ze fietsten aanzienlijker sneller het bos uit dan dat ze het bos in fietsten.
Gisterennacht fietsten we door de stad.
We fietsten naar huis.
We fietsten rondom het meer.
We fietsten rond het meer.
Daarna fietsten de jongens weg het meisje radeloos en geschrokken achterlatend.
De deelnemers fietsten ook door de tent op het Sint-Jansplein in Wildert.
De in totaal circa 2.000 wielertoeristen fietsten vorig jaar ruim 9 miljoen euro bijeen in de strijd tegen kinderkanker.
De jongens fietsten weg in de richting van de Valkseweg’’, aldus de politie.
De juf van onze zoon had een "magisch!" moment op Ameland toen ze daar rond fietsten.
De twee Jumbo-Visma’s fietsten al snel een mooie voorsprong van 45 seconden bij elkaar.
De voorbije vier dagen fietsten meer dan duizend teams duizend kilometer om de strijd tegen kanker te steunen.
Etappes lang fietsten ze in elkaars wiel, zelfs na de streep werden ze naast elkaar op de rollerbank geposteerd.
ING (+3,9%) droeg vandaag de gele trui en ook andere financials fietsten mee in de kop van het peloton.
Meer dan 650 sportievelingen zwommen, fietsten en liepen er de ziel uit hun lijf.
Mensen die toen ze een gewone fiets hadden nog geen 20 km/u fietsten, kunnen nu op hun e-bike ineens 30 km/u of harder.
Onlangs fietsten drie artsen langs de nieuwe ULEZ-grens, een rit die mede door de vele heuvels drie dagen duurde.
Ook de leden van Wielerteam De Dreef fietsten 850 kilometer bij elkaar.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl