Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Finishtijd.
Voorbeeldzinnen (20)
Zijn finishtijd van 1.52,0 werd alleen onderboden door zijn landgenoot Ted Meredith, die met zijn finishtijd van 1.51,9 het wereldrecord verpulverde.
Bij de vrouwen was zijn landgenote Amane Gobena het snelste met een finishtijd van 2:27.
Daar behaalde ze met een finishtijd van 4.18,71 een vijfde plaats.
De finishtijd van Heeren was opmerkelijk, omdat dit de tweede tijd was die ooit is gelopen.
De nationale titel werd gewonnen door Shinji Kawashima met een finishtijd van 2:10.
De schatting voor 15:00 uur is een interpolatie op basis van de bekende start- en finishtijd.
Grote gedeeltes van de wedstrijd liep hij op kop, maar zakte aan het einde van de wedstrijd wat terug naar een derde plaats en een finishtijd van 2:10.
Het begintempo was (te) hoog, de kopgroep met de tempomakers kwam de eerste tien kilometer door in een tijd van 28.37, wat overeenkomt met een finishtijd van 2:01 uur.
Michael Spring met een finishtijd van 2:38.04,4.
Zijn finishtijd van 2:54.04 was een persoonlijk record en stond hoog aangeschreven op de nationale ranglijst.
Zijn finishtijd van 28.07,50 was goed voor een elfde plaats.
Door het oponthoud werd de uiterlijke finishtijd met zo’n tien minuten overschreden.
De finishtijd van de laatste man geldt als totale eindtijd.
In de uitslagen kan men de netto finishtijd zien.
Hij ziet het niet als een wedstrijd tegen de klok, hij houdt alleen de finishtijd in de gaten.
Nadat de Snelle Toerrijders binnen waren gekomen was de baan voor de toerrijders die niet gebonden waren aan een finishtijd, maar gingen voor de kilometers.
Len Hurst won deze race over ca. 85 km met een finishtijd van 6:32.
Met haar finishtijd van 8:55.
Benson Mbithi maakte het Keniaanse podium compleet met een finishtijd van 2:11.12.
De snelste Nederlander was Gregor Stam met een finishtijd van 10:08.36.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl