Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Flaneerden.

Flaneerden

Voorbeeldzinnen (11)

Nog steeds raak ik ontroerd wanneer ik beelden zie van deze waarin helden op de barricaden stonden en waarin lachende eindeloos flaneerden, cruiseten en dansten op disco.

Zaterdag flaneerden de vier superhelden nonchalant door de straten van de wijk San Juan de Lurigancho in Lima.

Beroemde filmsterren flaneerden door de straten van dit skidorp.

De airco’s bleven dus uit, en op de stoepen flaneerden vrouwen in frisse kokerrokken en mannen in polo’s.

De Caïreense meisjes en jongens die over het terrein flaneerden hadden het te druk met hun suikerspinnen en gestolen blikken, de volwassenen dromden samen bij de studieboeken.

Elke ochtend fietste ik naar school in de ambassadewijk Benoordenhout, waar deftige dames met hun keurig getrimde hondjes flaneerden, maar liever nog verkeerde ik bij vriendjes in de Schilderswèèk, de echtste ac.

De naam van de Jungfernstieg verwijst naar de juffers van goede stand die hier langs het water flaneerden.

Op de hoek van de straat stond een mof op wacht en door de Boschstraat flaneerden er ook al een stelletje.

Tijdens het laatste weekend flaneerden veertien straattheatergezelschappen over het bruisende festivalplein aan de voet van de Sint Jan.

De dames met de zelfgemaakte kostuums en boerenhoedjes flaneerden door de zaal.

Ook daar flaneerden ontspannen gezinnetjes, ook daar een bassin met fonteinen, daar Bach in plaats van Chopin, ook daar behaagziek poserende dames in een decor van tulpenbedden en bloesemende struiken.