Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Fulltimer.
Fulltimer betekenis
iemand die een volledige baan heeft van gemiddeld 32-uur of meer per week | iemand die een voltijdsstudie doet
Voorbeeldzinnen (11)
Dan heb ik liever vaste dagen vrij, dan als fulltimer verrast te worden.
In februari was er even paniek, vertelt directeur Erwin Bolt van de Globe, omdat de ene na de andere fulltimer zich ziek meldde.
Ook niet echt als fulltimer, bijna altijd deeltijd.
Fulltimer met een pt dag John.
In de avond en in het weekend is er geen fulltimer te vinden achter de supermarkt kassa.
De partij wil een college met maximaal drie fulltime wethouders en zal bij deelname in welke coalitie dan ook zelf één fulltimer opeisen.
De vijf leerkrachten - vier parttimers en een fulltimer - hebben binnen het samenwerkingsverband O2A5 allemaal een andere baan gekregen.
Hoeveel tijd je aan al die taken samen besteedt, maakt of je fulltimer bent of parttimer.
Ik ben daar van parttimer fulltimer geworden en vervolgens directeur.
Ik heb de kennis niet fulltime nodig, dus een fulltimer in dienst nemen zou niet handig zijn.
Het is bij de CiC Hockey Academy zowel mogelijk om als fulltimer (vanaf 30 uur of meer per week) of als parttimer in loondienst te komen.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl