Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Geleek.

Geleek

Voorbeeldzinnen (16)

De oudere geleek zo op haar moeder door haar karakter en aangezicht, dat iedereen die haar zag kon denken dat hij de moeder zag; ze waren allebei zo onaangenaam en zo fier, dat men er niet kon mee samenleven.

Een ster was de jongen die als twee druppels water op zijn wereldberoemde opa geleek niet, rusteloos zeker wel.

Het blonde haar contrasteerde met een gezicht dat geleek op dat van een grijsaard.

Toen werd zuidwestelijk van Djosers grafcomplex onder het zand een begin van een trappenpiramide ontdekt, waarvan de constructie zeer geleek op die van Djoser.

Ze geleek qua constructie en opbouw op de vroegere "Sint-Annekesboten".

Maar mijn moeder vond al dat ik als pasgeborene op een aap geleek.

Dat leverde een scenario op dat als twee druppels water geleek op de Champions League-finale van 1999, toen Manchester United in Barcelona Bayern München in de slotminuten het nakijken gaf.

De signalen uit de ether bereikten je beeldbuis via een antenne die in niets geleek op de huidige satellietschotels.

En niet zoo heel ver van de wortels van den plataanboom ging een zachtzinnig riviertje, zoo traag, dat het een kalme vjjver geleek, met zilver of glas wel in kleur kunnend wedijveren.

In houding en in manieren had zij die eenvoudigheid, welke in haar de geborene vorstin deed kennen; slechts geleek zij te veel op hare moeder, Anna van Bretagne, om aanspraak te kunnen maken op schoonheid.

Toen mijn vader stierf, en mijne moeder, schoon ze van een schraal pensioentje moest leven, niet besluiten kon den Haag te verlaten, begreep ik voor mij, dat ik het snoeimes flink ter hand moest nemen, om al wat naar luxe geleek, ferm uit te snijden.

Als Araripesaurus inderdaad in vorm op Anhanguera geleek, was het een viseter.

Het huisje van twee vrijgezellen en drinkers, "Peerke Becks" en "de Sijs" was zo klein dat het op het peperkoekenhuisje geleek.

Neen, neen, een stad geleek ze, pleinen en straten in de kermisweek, boerinne' en boeren, en muziek en dans in de herbergen en in lichte krans om elke markt de snuisterijenkramen.

Reeds Brown viel het op dat het lectotype van M. crassus, ook een stuk nekschild, zeer geleek op het holotype van C. apertus.

Daarna vroeg hij op de televisie wie hierop geleek en, eigenaardig genoeg, was er wel telkens iemand die de gelijkenis kon bevestigen per foto.