Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Gemeentebestuurder.

Gemeentebestuurder

Gemeentebestuurder | Gemeentebestuurders

Gemeentebestuurder betekenis

iemand die bestuurder is in een gemeentelijke overheid

Voorbeeldzinnen (14)

Wel is de situatie onder controle, zegt gemeentebestuurder en crisismanager Anniken Baksjøberget.

De Nederlanders hadden de moed moeten hebben om hun tanden te laten zien en de Belgen of terug te sturen, of op de bon te gooien”, zegt de gemeentebestuurder van Lanaken.

Van Eeten was niet alleen gemeentebestuurder, maar hij was ook actief op het terrein van de waterschappen.

Wethouder Schiphol Robbert-Jan van Duijn is als enige gemeentebestuurder uitgenodigd om deel te nemen aan het rondetafelgesprek.

Van de invullers is ruim 80 procent als ambtenaar werkzaam bij gemeente, omgevingsdienst of veiligheidsregio, circa 10 procent is gemeentebestuurder/raadslid en de rest werkt bij provincie, private sector of waterschap.

De tweede reden was dat het huidige nieuwe bestuur van Edesche Boys afgelopen donderdag (12 september, red.) nog een overleg belegde met de verantwoordelijke gemeentebestuurder.

Gemeentebestuurder Peter Thompson bezocht het erf samen met andere instanties vorige maand al, maar de zaak is nu pas in de openbaarheid gebracht.

In de buurt van de plaats San José Independencia in Oaxaca werden eerder deze week gemeentebestuurder Agar Cancino Gómez en haar echtgenoot en burgemeesterskandidaat Alberto Antonio García ontvoerd.

Door het gemeentebestuur wordt Van Ingelgem vrijdag omschreven als een enthousiast, gedreven en plichtsbewust gemeentebestuurder, 'wiens inzet wij erg zullen missen', klink het.

De gemeentebestuurder zit volgens hem klem tussen het Rijk dat steeds meer afschuift, en burgers die veeleisender zijn geworden.

Iedere gemeentebestuurder krijgt honderd vrijkaartjes die onder de inwoners verdeeld mag worden.

Elke gemeentebestuurder weet, dat er een nauwe relatie is tussen riolering en wegbeheer.

Gemeentebestuurder Monbaliu was al enige tijd schepen van Dudzele, toen de onlangs tot burgemeester benoemde Jacob Baeteman einde 1831 onverwacht overleed.

Ook in de Gemeentewet wordt de motie van wantrouwen jegens een gemeentebestuurder (dat wil zeggen een wethouder ) genoemd.