Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Gesport.

Gesport

Voorbeeldzinnen (20)

Ik ben zo moe, net alsof ik de hele dag gesport heb.

Omdat ik voor het eerst sinds lange tijd weer heb gesport, ben ik echt helemaal uitgeput.

Als ik nu een dag gesport heb, heb ik de volgende dag weer ouderwets spierpijn.

Bij het vorige sportcomplex aan de Baerdijk had de club een buitenveld, zodat er bij mooi weer ook buiten gesport kon worden.

Binnen het gezin wordt veel gesport.

En dat terwijl ik m'n hele leven gesport heb, m.n. voetbal en tennis.

En op woensdagochtend pas om half tien de eerste afspraak, omdat eerst gesport moet worden – hardlopen in haar geval.

Er wordt bijvoorbeeld ook flink gesport op Hemelvaartsdag.

Heb ik teveel koffie gedronken, te veel gesport?

Het is iets later geworden dan gepland, maar vanochtend lekker gesport en we zijn er weer.

Ralph: „Vroeger heb ik ontzettend veel gesport, nu doe ik het te weinig.

Tijdens de coronapandemie laat het aantal sporters een diepe dip zien, maar sinds vorig jaar wordt er weer steeds meer gesport.

Utrecht is de provincie waar het meest gesport wordt; daar sporten 64 procent van de inwoners minimaal één keer in de week.

Wie heeft gesport, voelt zich opgeruimd.

Al zes jaar heeft ze niet gesport én ze heeft nog nooit gesquat.

Hij heeft geloof ik wel altijd gezond geleefd en fanatiek gesport, dus hij kan waarschijnlijk nog wel even mee.

In Spanje probeert ze ervoor te zorgen dat er ook in oorlogstijd zo veel mogelijk door wordt gesport.

Is het je wel eens gebeurd dat je groene Apple Watch ring niet vol is, terwijl je toch echt lang genoeg gesport hebt?

Je ziet nu hoe lang je in elke zone hebt gesport.

Maar als je je best hebt gedaan en 60 minuten per dag hebt gesport is het onzin om te gaan streven naar een verdubbeling daarvan.