Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Gesticuleren.
Gesticuleren betekenis
gebaren maken, vooral bij het spreken
Voorbeeldzinnen (13)
Na wat gesticuleren dacht de fietser dat de kous hiermee af was, maar daar dacht de vrachtwagenchauffeur anders over.
Dat hing echter aan een muur in een museum, en stond niet te gesticuleren voor een microfoon in een tempel voor de olicharchie.
Wie is die trut die daar zo heftig afkeurend zit te gesticuleren tijdens het praatje van Krabbé?
Als je met een doof iemand praat moet je duidelijk articuleren en gesticuleren om de boodschap over te brengen.
Hij zet geen druk, staat niet als een clown langs de lijn te gesticuleren, maar is ook niet te beroerd om moeilijke knopen door te hakken – denk maar aan de keuze om Radja Nainggolan niet meer op te roepen.
Vandaar dat paniekerige gesticuleren.
De langharige wetenschapper is druk aan het gesticuleren en wordt met ontzag gadegeslagen door een groepje toekijkende mensen, met gezichten die zowel verwondering uitstralen als angst dat het mis kan gaan.
Ik hoor niemand meer praten, maar zie hun handen gesticuleren.
Zinloos gesticuleren totdat je je evenwicht verliest.
Maar Wim Kok is niet door een hypothetische Willy Wortel uitgevonden om met een mond vol bijvoeglijke naamwoorden op een zeepkist te staan gesticuleren.
PTT-beambte Roulin, geportretteerd door Van Gogh, is 'getuige van het gesticuleren van een halve gare met een zonnesteek'.
Een angstaanjagende, kale man met een boze bril op begint woest naar mij te gesticuleren dat ik stil moet zijn.
Dat is nutteloos gesticuleren.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl