Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Gewoons.

Gewoons

Voorbeeldzinnen (20)

Dat kan best iets heel gewoons zijn, zoals heel veel zout gebruiken.

Natuurlijk zijn er de speciaal voor nudisten ingerichte campings en stranden, die zijn er in andere landen ook, maar in Oost-Duitsland is bloot zwemmen voor veel mensen iets heel gewoons.

Daarom heet een Madza in de reclame een machine en is een Bentley altijd een automobiel, de kunst om iets gewoons als exclusief af te schilderen zit in elke typert.

Het is hooguit een kapstok om plechtig iets gewoons te zeggen.

Niets gewoons aan die hele achterlijke cultuur.

We zijn allemaal mensen die gewoons ons leven willen 'lijden'.

Gewoons wat jongens zoeken die graag een stageplek willen en toevallig een betonschaar bij zich hebben.

We willen ons allemaal kunnen identificeren, we zoeken iets herkenbaars, iets rauws en rommeligs en gewoons, iets zonder prinsen en paarden.

Microsoft hoopt door partnerships aan te gaan met de makers dat een VR-bril iets heel gewoons wordt en mensen optimaal gebruik gaan maken van de 3D-capaciteiten van de nieuwe Windows.

Volgens De Jonge gaat het er vooral om van veiligheid iets gewoons te maken.

Het is iets heel gewoons”, legt hij uit in een interview (nporadio1).

Niets gewoons aan, nee.

Voorlévers zijn mensen die iets heel gewoons doen.

En het ergste is, het is verworden tot zoiets gewoons voor hen dat ze er zelf geen erg meer in hebben.

Het wordt wel eens vergeten, omdat het in Fryslân al iets ‘gewoons' begint te worden, maar het is landelijk gezien uniek dat er zoveel kerken tegelijk voor een periode tot 12 september opengaan op de zaterdagmiddag.

Ook dat benadert hij vooral als iets gewoons.

Sociale media zijn voor jou iets heel gewoons.

Zo maakt de afgemeten vormgeving van zoiets gewoons als sneeuw iets onvergetelijks – de zichtbare stilte, op paradoxale wijze, gedragen door het zachte, eindeloze gesnor van de projector.

Het begon met iets heel gewoons: een filmpje van het Göteborg Symfonie Orkest, dat een symfonie van Sibelius (1865-1957) speelt.

In dit werk valt alles samen; materiaal, techniek en onderwerp vormen een sluitend geheel, de persoonlijke herinnering is vloeiend omgezet tot een verstild en kwetsbaar monument voor zoiets gewoons als een vader die het gras knipt.