Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Grootgrondbezitter.

Grootgrondbezitter

Grootgrondbezitter betekenis

een heerser, instelling of particulier persoon die in bezit is van een grote oppervlakte aan land

Voorbeeldzinnen (20)

Carlos Manuel de Céspedes is een rijke grootgrondbezitter in het oosten van Cuba en geeft op 10 oktober 1868 in zekere zin het startsein voor de Cubaanse opstand.

Na het overlijden in 1860 van de eigenaar van Kasteel Moersbergen en grootgrondbezitter J. D. C. C. W. d’ Ablaing van Giessenburg werden grote delen van zijn immense grondbezit verkocht door zijn erfgenamen.

Nederland lijkt voor ong. 80% te bestaan uit van die rechte lapjes boerengrond, allemaal met een eigen grootgrondbezitter (aka boer) meestal doorgegeven van generatie op generatie, beetje als het koningshuis zeg maar.

De keizer was de grootste grootgrondbezitter ter wereld en bezat in alle provincies enorme stukken landbouwgrond en ook zaken als mijnen.

De tombe van grootgrondbezitter Hieronymus van Tuyll van Serooskerke is aangetast door zout.

De belangrijkste grootgrondbezitter in Dorestad was de bisschop van Utrecht.

De gemeente Zwolle is grootgrondbezitter.

De grootgrondbezitter vertelde dat hem, bij wijze van dreigement, video’s waren getoond van marteling en verkrachting van gevangen zakenlui die hadden geweigerd GERB te betalen.

Jogi is een grootgrondbezitter van het gemene soort.

Als grootgrondbezitter was Vergauwen tegen de successiewet en als katholiek was hij tegen de organieke wet op het middelbaar onderwijs van 1850.

Als hij een keer van huis is en heeft vergeten zijn huisdeur af te sluiten, krijgt hij bezoek van Dunstan Cass, de losgeslagen zoon van ‘Squire Cass’, de enige grootgrondbezitter in het dorp.

De andere grootgrondbezitter in Haarlo was de heer van Borculo, met onder andere de goederen Vorkink, Geerdink, Assink (verdwenen) en Bussink.

De grootgrondbezitter Kazimierz Oskierko nam in 1745 het initiatief tot herbouw van het klooster waarvan de kerk het middelpunt zou vormen.

De monniken van Villers, dat zelf een grootgrondbezitter was, hielden toezicht op meerdere vrouwelijke religieuze ordes.

Deze grootgrondbezitter uit het Brugse deed een beroep op een architect uit zijn geboortestreek.

Een eigenmachtige bezetting van landbouwgrond van een rijke grootgrondbezitter van de Coloradopartij leidde tot een schietpartij waarbij minstens 17 doden vielen.

Het Stift bezit een van de grootste en oudste wijngoederen van Oostenrijk en was eeuwenlang een grootgrondbezitter in de streek rond Wenen.

Hij treft een stad aan gevuld met angst voor de grootgrondbezitter Caldwell, die Keoma's drie halfbroers in dienst heeft als persoonlijke lijfwachten.

Hij trouwde met Margaretha Haitsma (1790-1819), dochter van de grootgrondbezitter en burgemeester mr. J. Haitsma.

Hij trouwde met Susanna French, de dochter van een welvarende grootgrondbezitter uit New Jersey.