Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Grootmeesterschap.
Grootmeesterschap
Voorbeeldzinnen (14)
Na zijn dood claimden de hertog van Calabrië en de hertog van Castro het grootmeesterschap.
Reden was interne tegenstand tegen het grootmeesterschap van Pierre-Théodore Verhaegen, die geen kans onbenut liet om de vrijzinnigheid verder te verspreiden.
Toen Hendrik IV in december 1474 overleed ontstond er strijd om dit grootmeesterschap.
In 1816 was prins Frederik, zoon van koning Willem I, uitverkoren voor het grootmeesterschap van de vrijmetselaarsorde, het hoogste maçonnieke ambt.
Er is wel gedacht dat Frederik dat zo geregeld had om Alexander meteen de volgende dag, tijdens de herdenking van zijn 60-jarige grootmeesterschap, als zijn opvolger te kunnen voorstellen.
In 1759 werd Don Carlos de Borbón y Farnese als Karel III Koning van Spanje en 10 dagen na de troonsoverdracht droeg hij ook het Grootmeesterschap over aan zijn derde zoon don Ferdinand.
De Poolse regering verwerpt de aanspraken van de heer Nowina op het presidentschap, op zijn titels en op het grootmeesterschap van een Poolse ridderorde.
Na diens dood in 1977 betwistten Karel Hugo en zijn broer Sixtus Hendrik elkaar de troon en het grootmeesterschap van deze orde.
Nowina heeft het grootmeesterschap in "zijn" orde erfelijk gemaakt.
Over het grootmeesterschap over deze Orden wordt in de familie betwist.
De Heilige Constantinische Orde is niet aan de kroon van de Beide Siciliën verbonden en het grootmeesterschap van deze orde is daarom los van de andere orden te beschouwen.
Het grootmeesterschap van de orde was volgens het statuut "onverbreekbaar met de Oostenrijkse kroon verbonden".
In de statuten werd nadrukkelijk vastgelegd dat het grootmeesterschap met de Hongaarse kroon verbonden was.
In Nederland In Nederland is bij wet geregeld dat het Grootmeesterschap van de ridderorden is opgedragen aan de Koning.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl