Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Hebberd.

Hebberd

Hebberd betekenis

iemand die zijn bezit wil uitbreiden zonder aan anderen te denken

Voorbeeldzinnen (10)

Bij eeterij De Hebberd in Barneveld is vandaag een stil protest te zien: een spandoek op de grond van de plek waar normaal gesproken het overkapte terras staat.

Gasten van restaurant De Hebberd in Barneveld mogen vanaf vandaag niet meer roken als ze onder de serre, de overkapping voor het restaurant aan de Jan van Schaffe.

Spandoek bij de Hebberd nav teleurstellend bericht corona persconferentie.

Dan ben ik maar een verrotte hebberd maar ik moet leven en wil ook een nieuw dak boven mijn hoofd.

Horecaman Harco van Ommen komt terug naar het dorp waar hij is opgegroeid en heeft de zaak gekocht van Albert Hoekendijk, eigenaar is van De Hebberd in Barneveld.

Mensen stonden woensdag rond het middaguur in de rij bij De Hebberd in Barneveld om eindelijk weer een terrasje te pakken.

Iedereen zou de laatste wel willen maar niemand wil de hebberd zijn, dus dan ontstaat er zo’n ongemakkelijk dansje van: "Nee, neem jij hem maar", terwijl je denkt: 'Ik wou dat ik zelf die garnalen had besteld'.

Met de bedoeling de oversteekplaats tussen restaurant De Hebberd en de spoorwegovergang in het centrum van Barneveld nu écht veiliger te maken, laat de gemeente.

Onder het motto 'Den Haag veilig maken' is de zelfbenoemde 'hebberd' druk doende zichzelf nóg rijker te maken.

De Hebberd en de Dappere zijn vrij.