Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Heldergroen.

Heldergroen

Heldergroen | Heldergroene

Heldergroen betekenis

een heldere, lichte, frisse kleur groen

Voorbeeldzinnen (20)

De vergezichten maken dat we ons in het buitenland wanen: de top van welke heuvel dan ook in de verte, scherp afgestoken tegen de lucht, met ervoor een vallei van heldergroen gras, bruine dorre struiken en steeds kalender wordende bomen.

De buik is heldergroen en de bevederde bovenbenen en de stuit zijn geel met groene strepen.

De medaille werd aan een heldergroen lint met zwarte biezen gedragen.

Het blad is heldergroen, vlezig en worstvormig.

Hij is overwegend heldergroen met een rode snavel en voorhoofd en een roze rode ring rond het oog.

Koeien kregen een speciaal voor hun kop gemaakte virtual realitybril opgezet waarin beelden van zonnige weiden met heldergroen gras werden geprojecteerd.

Een enkele zeekraal tooit zich al in zijn dieprode herfstkleur, zeker zo fraai als het zomerse heldergroen.

Haar gezicht was fijn, een klein neusje en ogen die wisselden bij de val van het licht, van heldergroen tot herfstbruin.

Koelblauwe meren, heldergroen blad aan de wijnranken, lichtgrijze stenen wanden.

Een rijtje koeien eet doodgemoedereerd van bergjes heldergroen gras.

In Museum De Paviljoens in Almere bestond een ruimte met een simpele, onuitnodigende deur waar een heldergroen weidelandschap achter schuilging, gemaakt van echt groeiend gras, met een sloot en een lucht van spiegels.

Passage boven een kleine Riou met heldergroen water, over bruggetjes, balken en stangen langsheen een bemoste rotswand.

De bladeren zijn heldergroen en zijn tot 15 cm lang.

De citroenvlinder lijkt precies op een heldergroen blaadje.

De 7-10 mm lange aartjes zijn 4-8-bloemig, heldergroen, staan boven dicht bijeen, beneden verder uiteen.

De bladeren zijn groot, gekarteld, ovaal, puntig en heldergroen, met een warme en toch frisse, sterke geur.

De kleine naaldachtige bladeren zijn in de lente eerst heldergroen, worden dan zachtgroen, en in de herfst kleuren ze een fel oranje-geel.

Het blad is aan de bovenzijde heldergroen en aan de onderkant bleek en donzig.

In die periode is de kleur van het water geel; in de rest van het jaar heldergroen.

Uiterlijke kenmerken De kleur is bruin, de bovenzijde van de kop is heldergroen evenals drie brede strepen van de kop naar de achterpoten en op het midden van de rug.