Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Hingen.
Voorbeeldzinnen (20)
Overal hingen gebatikte doeken aan de muur, er stonden boeddha’s en er hingen gekleurde dromenvangerachtige takkenbouwsels.
Sommige mensen hingen wat rond aan de ingang.
Hun kaken hingen slap.
We hingen een kerstkrans aan de voordeur.
Er hingen tassen in verschillende maten.
Weet je nog dat we als kind handdoeken om onze nek hingen?
Vroeger hingen ze je aan je duimen op in de kerker.
Ze hingen als twee mussen met de buiken tegen elkaar.
De brandstof- slangen hingen nog aan het vliegtuig.
Heel, heel lang geleden... hingen de wolken zo laag over de bergen... dat alle stammen uit die omgeving hun hoofden moesten buigen, en niemand rechtop kon lopen.
Ze hingen een bom aan je borst.
De haak aan het eind hingen ze aan een venster...
Hingen rond en na verloop van tijd viel ik in slaap.
Ze hingen aan een koord aan de spiegel.
We hingen altijd rond... en droomde om samen bij de politie te zitten.
We hingen gewoon wat rond.
We hingen wat rond, verhalen vertellen, de stappen volgen, je kent het wel.
Afgelopen maandag, op de vooravond van de Vlaamse feestdag, hingen leden van Jong N-VA 1302 een 24 meter lange banner aan de brug tussen de Broeltorens.
Als voorbeeld noemt Janssen dat de afgelopen jaren op veel trainingslocaties van Nederlandse topsporters doeken hingen met de tekst ‘Medaillefabriek’.
Andere keren telde ik de sterren die aan het plafond van mijn slaapkamer hingen, of ik maakte er figuren mee in mijn hoofd.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl