Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Hinkelend.
Voorbeeldzinnen (11)
De dertiger liep na de trap gelijk weg, hinkelend omdat hij een schoen miste.
Eentje kan de tweede helft naar eigen zeggen nog wel hinkelend vol maken, maar die ander moet er toch echt uit.
En hoewel de breuk de dinosaurus behoorlijk in de weg moet hebben gezeten, wist deze zich na het ongeval toch – al hinkelend – nog behoorlijke tijd te redden.
Samen met twee mascottepoppen kunnen kinderen de afstand tussen beide winkels al hinkelend overbruggen.
Niettemin nam hij toch deel aan de marathon, en kwam letterlijk hinkelend en struikelend de finish over, en eindigde als laatste.
Maurice Moll moest al hinkelend het strijdperk verlaten, terwijl Jesse de Haan voor eigen rechter besloot te spelen en van.
Hij probeerde het hinkelend weliswaar nog bijna een kwartier, maar toen greep trainer Jan Wouters in en haalde Ayoub naar de kant.
Nodigt Cortázar in Rayuela de lezer uit al hinkelend door het boek zijn eigen roman samen te stellen, Verdonck en zijn tegenspeler Pieter De Buysser doen niet meer dan van aanzet tot aanzet spelen.
Voor Victor is het kinderspel en hij zou bijna geblinddoekt al hinkelend naar boven kunnen.
Niki moet namelijk nu hinkelend door het leven.
Strompelend en hinkelend ga ik de volgende trap op.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl