Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Honingdauw.

Honingdauw

Honingdauw | Honingdauwhoning

Honingdauw betekenis

een heldere nectar-achtige vloeistof die wordt afgegeven door veel soorten blad- en schildluizen, witte vliegen en de schimmel moederkoorn

Voorbeeldzinnen (20)

Friedrich Pohl: Bienenkrankheiten, Kosmos, Stuttgart ²2005, S. 135 f. Voedsel Bijenraat met donkere honing uit honingdauw Voor een aantal dieren is honingdauw als voedsel van groot belang; sommige soorten mieren leven zelfs in symbiose met luizen.

Boomblauwtjes hebben honingdauw (van blad- of schildluizen), sap van bloedende bomen en nectar op het menu staan.

De cicade is gewend aan mieren, die afkomen op haar dradige uitscheiding van zoete honingdauw, van teveel suikers in haar voedsel.

De kleverige honingdauw komt terecht op auto's, rolluiken en opritten.

De bladluizen in de boom laten dan het teveel aan plantensappen die ze uit de blaadjes zuigen, vallen, waarna de plakkerige honingdauw op de auto’s komen te zitten.

Bij andere cicadesoorten is dit beschreven als zou dit een rol spelen bij de veilige verwijdering van honingdauw door het bekleden van de uitgescheiden druppeltjes met wasachtige strengen waardoor ze besmetting van het lichaam voorkomen.

De bijen verzamelen deze honingdauw en maken er honing van.

Volwassen vliegen blijven in de buurt van de luizenkolonies en blijken zich te voeden met de honingdauw die de luizen hebben afgescheiden op bladeren.

Ook vervoeren ze veel bladluizen, die in de tuin kunnen zorgen voor plakkerige honingdauw op tuinmeubilair.

Bewoners klagen er al jaren steen en been over zogeheten honingdauw.

Naast de hinderlijke plak, zet zich roetdauwschimmel op de honingdauw vast, een zwarte laag op de bladeren.

Dit wordt honingdauw genoemd.

Het gaat niet om de Koningslinde die van oudsher bij een troonswisseling werd aangeplant omdat deze vaak last heeft van honingdauw daar overlast geeft.

Mieren verschaffen bladluizen bescherming tegen aanvallers, en krijgen in ruil een soort honingdauw die de luizen uit een speciaal orgaan in hun achterlijf persen: druppeltjes van een suikerrijke vloeistof.

Het zijn lozingsbuizen voor een wasachtige stof, niet voor de honingdauw, zoals vroeger wel gedacht werd.

In de omgeving van het gemeentehuis staan veel lindebomen waar de bijen honingdauw kunnen verzamelen.

Vleugelloze insecten gaan na het eten van de honingdauw niet direct dood en hebben de tijd om het gif weer uit te poepen.

De vlinders voeden zich vooral met honingdauw; soms met nectar van onder andere braam en liguster.

E. formosa wordt gehinderd door veel honingdauw of sterk behaarde planten.

De mieren blijven bij de cicades in de buurt en steeds als de cicade een druppel honingdauw afscheid wordt deze opgenomen door de mier.