Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Hoofdbezigheid.

Hoofdbezigheid

Hoofdbezigheid betekenis

de belangrijkste activiteit van iets of iemand

Voorbeeldzinnen (15)

Als je een boek schrijft, is de tekst je hoofdbezigheid, en houdt de uitgever zich bezig met de rest.

De functie van hoofdinspecteur werd toegekend aan een juridisch adviseur van de algemene directie van de NMBS, die van inspecteur aan een aantal leidend ambtenaren van de NMBS (ingenieurs, stationschefs,) die ze naast hun hoofdbezigheid uitoefenden.

Tekenen en etsen werden zijn hoofdbezigheid.

Triffins hoofdbezigheid, na de creatie van het Europees Monetair Stelsel en de ECU; was het onttronen van de dollar in het Internationaal Monetair Systeem.

Het is voor zeker vijftien mensen op het bondsbureau de hoofdbezigheid.

We moeten autorijden niet als 'erbij' zien maar als hoofdbezigheid, en we moeten leren om niet als een gehoorzame hond naar die telefoon te grijpen bij het eerste het beste geluidje dattie maakt.

Muziek blijft voor Tylaine haar hoofdbezigheid.

Veel gecoöpteerden hebben naast hun werk in de Senaat een andere hoofdbezigheid.

Het ‘regelen’ van stemmen is dan ook een hoofdbezigheid geworden binnen de Fifa.

Op een gegeven moment is dat je hoofdbezigheid geworden.

Onze hoofdbezigheid is het ontwikkelen van websites.

Nadat hij in 1979, met een strijkkwartet, de eerste stappen had gezet naar het componeren van klassieke muziek, werd dit steeds meer zijn hoofdbezigheid.

Ook in de periode dat men motorfietsen produceerde bleven fietsen de hoofdbezigheid van het bedrijf.

Economie Oorspronkelijk was landbouw de hoofdbezigheid.

Een nieuwe job zoeken is zijn hoofdbezigheid totdat hij een voortvluchtige landgenoot ontmoet.