Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Houweel.

Houweel

Houweel betekenis

metalen werktuig voor hakken in steen of aarde met een beitelvormig uiteinde en een puntvormig uiteinde | bijl waarmee men bomen kan omhakken

Voorbeeldzinnen (20)

De dolabra lijkt veel op de moderne pickel die in de bergsport wordt gebruikt: het is een klein houweel dat een bijlblad heeft aan de kant waar bij een gewoon houweel een punt zit.

Met hamer en houweel een basaltkei van 140 ton klein maken tot het grind grind is voor de NS.

Een houweel is ook een gebruiksmiddel dat onmisbaar is om grote ijsvlaktes over te steken of om bergen te beklimmen.

Met een houweel en een lampje gaat hij de mijngang in, die eigenlijk te klein voor hem is.

Tom wordt onder schot gehouden door Sarah, maar ziet achter haar rug de mijnwerker met zijn houweel aankomen en gilt uit dat Sarah gevaar loopt.

Die aanpak stond ver af van de praktijk van de oude Holwerda, die nog tot de archeologen behoorde die vrolijk met spa en houweel Egyptische graven te lijf gingen.

Links de houweel, on het midden de mijnwerkerslamp en rechts de hamer en Franse Helm.

De jongen krijgt een glazen bijl, wig en houweel mee.

Een hele klus met houweel en schep want de graafmachine kan niet de groeve in.

En, schrijft ze verwachtingsvol, "we zullen zien of de echte Charlotte zal breien, of ze zacht en lief zal zijn, koket en aanhalig, en of de echte Charles de schaaf en het houweel ter hand zal nemen, of hij vrijmoedig, dapper, ruw en vechtlustig zal zijn.

Enkimdu krijgt het beheer over ploeg, juk en voren, Ashnan wordt de godin van graan en groente en Kulla, de god van de baksteen krijgt het houweel en kleivorm.

Hij nam daarbij afscheid van Doddeltje en valt gewapend met een houweel in zijn eigen kelder.

Magister Hocus Pas had zich aldaar als mijnondernemer gevestigd en liet de inheemse krollen Een soort van schaapachtige dwergen met houweel.

Sinds Thoetmosis IV behoorden bij de grafbeeldjes ook modellen van agrarische voorwerpen en werktuigen, zoals een houweel, een hak, een juk of een mand.

Tucker sloeg haar met de houweel, waarbij ze haar verwondde.

DaiBouken (letterlijk vertaald: grote avonturier) is gewapend met de Gou Scooper, een schep en de Gou Picker, een houweel.

Er komt niets uit zijn handen en Terpen Tijn neemt het houweel even over en slaat de rots in gruzels waarbij hij wel meteen de grein kan vinden.

Het veld rechtsboven toont een schop en een houweel als symbolen van de opbouw van het land.

In 1925 werd een afwateringskanaal gegraven van 't Houweel door de landerijen van Deikum naar de Negenboerenpolder ten noordwesten daarvan.

Tucker pakte toen een houweel en sloeg Dean vier of vijf keer in de rug.