Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Huisvester.

Huisvester

Huisvester betekenis

persoon of organisatie die zorgt voor het aanbieden en beheren van woonruimte

Voorbeeldzinnen (7)

Ook studenten die inschrijven bij huisvester SSH krijgen - als ze de inschrijftijd van twee tot drie jaar hebben overbrugd - meestal te maken hospiteeravonden.

De huisvester stuurde daarop begin augustus een brief over de „beschamende uitingen van intolerantie” in het wooncomplex.

De Antwerpse huisvester werkt overal met jaarcontracten.

Begin deze maand besloot huisvester Duwo 's nachts bewakers in te zetten op de campus.

Bij het Hof in Londen eist de Rotterdamse huisvester 800 miljoen euro.

In 2009 vormde huisvester DUWO de flat tijdelijk om tot studentenflat en vorig jaar werd besloten het complex te slopen.

Met diezelfde Van Gool, hét gezicht van de uitzendbranche voor arbeidsmigranten, ging hij verder als huisvester van uitzendkrachten.