Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Inpakker.

Inpakker

Inpakker | Inpakken | Inpakkers

Inpakker betekenis

iemand die producten verpakt | iemand die zijn koffer inpakt

Voorbeeldzinnen (15)

Genoeg werk als inpakker in de teelt.

Als kind droomde Henk-Diederik ervan piraat te worden, ware het niet dat hij aan de slag ging als inpakker aan de lopende band van de dropfabriek van Venco.

Stijn - die werkt als inpakker en ober - woont samen met zijn ouders in Landen.

Djandoubi leefde en werkte vanaf 1968 te Marseille als inpakker, maar hij verloor zijn baan in 1971 na een arbeidsongeval waarbij hij twee derde van zijn rechterbeen verloor.

In een eerder stadium was onderzoek gedaan naar de inpakker en verzender van de bestellingen.

Uiteindelijk verdient de investeerder wellicht honderdduizend keer meer dan de inpakker.

Zo is hij kapitein van het schip, kok, wegwijzer, inpakker et cetera.

Dit is echt een app voor de luie inpakker, want PackPoint doet het meeste werk voor je.

Het wemelt in New York van de joodse emigranten: de rijke koopman die nu inpakker is, de filoloog die vertegenwoordiger is, de germanist die het tot huismeester heeft weten te schoppen.

Christine werkte als inpakker in een fabriek die werd opgeheven.

Wat krijgt de boer, de inpakker, de supermarkt?

In de supermarkt van Colesberg staat bij de kassa een inpakker die de boodschappen netjes inpakt en naar de auto brengt.

Hij ging voor de functie van Inpakker.

De op Curaçao geboren Diaz komt op het eiland in aanraking met cocaïnetransporten, en fungeert vervolgens als contactpersoon en inpakker in cokelijnen van Colombia via Curaçao naar Nederland.

Hij werkte als inpakker, begeleider van een vrachtwagenchauffeur, hulpje van een handelsreiziger, hulpredacteur bij een populair weekblad en bediende bij een verzekeringskantoor.