Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Jaloerser.

Jaloerser

Jaloerser | Jaloers | Jaloersheid

Voorbeeldzinnen (8)

Leen werd steeds jaloerser als hij bouwvakkers zag werken.

Norman werd steeds jaloerser, tot het tot een avond in 1949 uit de hand liep.

Zo vonden zij dat hebzuchtige mensen ook materialistischer en jaloerser zijn, dat ze vaak minder zelfvertrouwen hebben en minder tevreden zijn over hun leven.

Maar ze werd naarmate de tijd vorderde echter steeds jaloerser op de affaire van haar partner en dit leidde steeds vaker tot conflicten.

Ann gedraagt zich steeds jaloerser tegenover Sandrine.

Carmen stemt in, hetgeen Don José nog jaloerser maakt.

Dokter Bartolo, nog achterdochtiger en jaloerser dan ooit, dreigt haar voortaan op te sluiten en besluit hun huwelijk vandaag nog te voltrekken.

Zo wordt Pinky nog jaloerser.