Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Japonica.

Japonica

Voorbeeldzinnen (20)

De Vingerplant (Fatsia japonica, synoniemen : Aralia japonica Thunb., Aaralia sieboldii Hort. ex K.Koch) is een groenblijvende plant uit de klimopfamilie (Araliaceae).

De heerlijk geurende skimmia japonica trekt hele bijenvolken, een paartje pimpelmezen heeft het vogelhuisje weer gehuurd, de mussen kwetteren onophoudelijk in de klimhortensia en de merel wekt mij bij zonsopgang met zijn aangename zang.

Nogmaals het unieke, bidirectionele kleurveranderende vermogen van Causonis japonica bekeken onder een vergrootglas.

Doe er een 1, 2, 3, vooruit 5 procent Wasabi Japonica, de officiƫle naam van de knol, bij en het plaatje is rond.

Amphisamytha japonica werd in 1917 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Hessle.

Andere soorten die men vrij gemakkelijk in de handel verkrijgt zijn de Oost-Aziatische Buxus microphylla, Buxus microphylla var. japonica en de gelijkaardige (of identieke?) Buxus harlandii.

De wetenschappelijke naam Coniocompsa japonica is voor het eerst geldig gepubliceerd door Enderlein in 1907.

De wetenschappelijke naam van de soort werd als Dipsas japonica in 1875 gepubliceerd door Richard Paget Murray.

Deze ondersoort, Argyroneta aquatica japonica, werd in 2002 voorgesteld door de Japanse wetenschapper Hirotsugu Ono op basis van de gemiddeld langere genitaliƫn bij de Japanse populaties van de waterspin.

Errina japonica werd in 1968 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Eguchi.

Euphysa japonica werd in 1909 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Maas.

Heteropelogenia japonica werd in 2006 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Imajima.

Minuspio japonica werd in 1935 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Okuda.

Nemertesia japonica werd in 1907 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Stechow.

Symsagittifera japonica werd in 1951 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Kato.

Typosyllis japonica werd in 1966 voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Imajima.

Onderzoekers ontdekten de worm het westelijke deel van de Stille Oceaan en hebben deze de naam Xenoturbella japonica gegeven.

Het genoom van de kleine varen is namelijk 7 procent groter dan dat van P. japonica.

Een laag, compact struikje dat geschikt is voor kleine tuinen is de Pieris japonica 'Cupido'.

Nu blijven nog de Choisya, de Viburnum opulus roseum, de Kerria japonica, de Symphoricarpus en twee Seringa vulgaris over.