Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Joelt.

Joelt

Joelt | Joeltijd

Voorbeeldzinnen (18)

Gorinchem juicht en joelt en haalt opgelucht adem: de Sinterklaas is veilig en wel vanuit Spanje aangekomen in Nederland.

Het resultaat is dat er verrassend veel jong publiek in de zaal zit, dat af en toe joelt tussen de delen.

Naast mij joelt een jong Engels stel naar vrienden omdat zij voor de verkeerde – en veel langere – rij zouden hebben gekozen: die voor de non-EU-balie.

Het publiek – grotendeels op de hand van het tweede kamp – is rumoerig, klapt en lacht en joelt en juicht, roept ‘boe’.

Dus voortaan als men hoort Allahoe Hakbarrr dan joelt men?

Arm en rijk, wit en zwart joelt en krioelt door elkaar.

Minstens één keer per vijf minuten komt er een schreeuwende bende langs op huurfietsen, of anders joelt een groepje blowende vakantiegangers wel leuzen aan de kade.

Een menigte joelt een goedheiligman uit en zegt dat hij het land moet verlaten.

Het publiek joelt, gilt, moedigt Nadal aan.

Hij schrikt er zelf van: een waanzinnige massa joelt en juicht, vooral als Stoffel petjes in het publiek gooit.

Een Engelse toerist op de voorste rij joelt en klapt.

Fonsmark joelt dat in elk geval nog thuis, ná uitzending, wat een laatste restje 'bescheidenheid' doet vermoeden.

Wat joelt Albayrak er nog meer allemaal door.

Het volk joelt als het hardhandig uiteengejaagd wordt door ordetroepen en de prins en een handvol bodyguards met zonnebrillen uit een gepantserde Mercedes te voorschijn stappen.

Na de première van Wagners opera klapt en joelt het publiek.

Als de floormanager van te voren uitlegt dat de regie eerst wat tribuneshots nodig heeft klapt en joelt hij om het hardst.

Zelfs Bud die nog al veel vel om zijn bek heeft tuit zijn lippen en joelt mee!

De liedjes klinken aanstekelijk en het publiek joelt om een extra nummer.