Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Jubeljaar.

Jubeljaar

Jubeljaar betekenis

joveel, elk vijftigste jaar, waarin volgens de Bijbel (Lev. 25) schulden werden kwijtgescholden en land weer in het bezit van de oorspronkelijke eigenaar kwam | (rooms-katholiek) Heilig Jaar, elk vijfentwintigste jaar, waarin gelovigen vergeving voor al hun zonden kunnen krijgen door een bedevaart naar Rome of een speciaal door de paus uitgeroepen heilig jaar in de tussenliggende periode | jaar waarin men een verjaardag of jubileum viert dat een veelvoud van 25 jaar is

Voorbeeldzinnen (20)

Als het jubeljaar nog ver weg was, dan moesten de prijzen hoger zijn dan als het jubeljaar aanstaande was.

In 1998 vierde Israël haar Jubeljaar en aansluitend is er een Jubeljaar voor de Gemeente van Jezus Christus.

De christelijke een zon kalender, de joodse een maan kalender, maar met correctie (jubeljaar) om met de zon gelijk te blijven.

Een jubeljaar is het behalve voor hemzelf –.

Het vorige klanksysteem is bijna 25 jaar oud — het werd ter gelegenheid van het Jubeljaar 2000 geplaatst.

Dan maar zelf lepelen en een beetje mijmeren bij mooie herinneringen en haar prachtige chansons, die in dit jubeljaar wel wat vaker mogen klinken.

Dat schept onrust, zeker als in dit jubeljaar van de honderdjarige verjaardag van de communistische partij de overheid zo'n basale levensbehoefte - licht en warmte - blijkbaar niet weet te waarborgen.

Niet zozeer om een numeriek jubeljaar, maar gewoon in goed gezelschap.

Daar kon dit jubeljaar nog wel een schepje bovenop.

De boomplanting kadert in de viering van de vijfde verjaardag van de encycliek Jubeljaar voor de Aarde.

Dit jaar viert dit museum haar 35ste verjaardag met de tentoonstelling In dit jubeljaar staat het werk van de meester-schilder des huizes zelf centraal.

Tot slot werd na negenenveertig jaren, het Jubeljaar gevierd, het jaar van algemene vergeving en ‘bevrijding voor alle bewoners’.

Er mag tijdens het Jubeljaar geen fruit van de bomen worden geoogst.

Het laatste reguliere jubeljaar was in 2000.

Het staat vast dat het jubeljaar na de Bijbelse periode niet meer gevierd is.

Het was de vurige wens van de Kerk dat het jubeljaar 2000 impulsen zou geven voor een wederzijdse dialoog opdat joden, christenen en moslims elkaar ooit in Jeruzalem zullen begroeten met een teken van vrede.

En omdat het een jubeljaar is voor de Canadezen - de vlaggen hangen al uit - is de toegang tot alle nationale parken dit jaar voor iedereen gratis.

Hij houdt een lezing over het door paus Franciscus uitgeroepen jubeljaar 2016.

En 2025 blijkt een jubeljaar te zijn (een katholiek groot feest) en dus zullen er extra veel mensen komen volgend jaar, die er ook nog allerlei vakanties (naast bezoek aan Vaticaan stad) aan vast zullen knopen.

En doet hij dat dan voor, tijdens, of na het jubeljaar?