Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Juffershondje.

Juffershondje

Voorbeeldzinnen (6)

Dat rillende juffershondje van Gay66, Thierry de Roy van Zuidewijn, een Milli Vanilli mutant en een Mies Bouwmanoïde gespreksleider met messiascomplex in ‘discussie’ met elkaar.

De kerel vergaat van de zenuwen en trilt als een juffershondje.

Sinds Blok heeft gezegd dat Suriname een mislukte staat is vanwege etnische opdeling, loopt hij met zijn met stront besmeurde staart tussen zijn bebloede benen rond als een bibberend juffershondje.

Bak Ellende zit in een spagaat, want reken maar dat hij op de hoogte is van het gemor, maar tegelijkertijd is hij nog wel steeds het juffershondje van George 'dubbel joe', dus aan wie moet hij zijn ballen nou eens tonen?

Maar het verlies is voor schrijvers een voordeel: juist schrijvers die ontheemd zijn, zien het tijdelijke van alle waarheid, zien dat de werkelijkheid per definitie onvast is, dat zij als een juffershondje staat te trillen op haar poten.

Bibberend als een juffershondje bleef Brom stijf stilstaan en hij keek met angstige ogen naar het grote geweer van de boswachter.