Kachel is een Nederlands woord met synoniemen als verwarming. Hieronder vind je 10+ voorbeeldzinnen die laten zien hoe het in de praktijk wordt gebruikt.
Kachel in een zin
Gerelateerde woorden
Kachel betekenis
- apparaat waarin energie wordt omgezet in warmte met de bedoeling een ruimte te verwarmen
- dronken
Synoniemen van Kachel
Gebruik van Kachel
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: apparaat waarin energie wordt omgezet in warmte met de bedoeling een ruimte te verwarmen | dronken
- Vergelijkbare woorden zijn onder meer: verwarming.
- In het voorbeeldencorpus komt kachel vaak voor in combinaties zoals: de kachel, kachel aan, kachel op.
Voorbeeldzinnen (20)
In Duitsland kent men de Kachelofen: een met tegels beklede manshoge kachel (Kachel is het Duitse woord voor 'tegel').
Sinds hij geen kachel meer in zijn schuurtje heeft en van zijn vrouw zijn dagen meurend brouwsel niet in de keuken mag bereiden, gaat dat hier achterin de keet op de kachel.
In de zomer kachel op 35 met een enkeling ook nog een extra elektrische kachel.
En als de kachel warmte begint te verspreiden stelt een Poolse jongen met tyfus voor aan andere zieken, om hun brood met Primo Levi en zijn helpers (die de kachel gehaald hadden) te delen.
Voor extra veiligheid is de Eurom kachel voorzien van een omval- en overhittingsbeveiliging, zodat de kachel zichzelf uitschakelt indien nodig.
Zet je de kachel wat lager (luchttoevoer terugzetten en minder hout in de kachel) dan zal deze directer reageren door wat in warmte af te nemen dan een gietijzeren variant en veel sneller dan een spekstenen versie.
Tom verbrandt zowel hout als kolen in zijn kachel.
Raak de kachel niet aan.
Droog de broek op de kachel.
De strijkbout staat op de brandende kachel, dat kan nooit veilig zijn.
Even de kachel aansteken en je voelt je wel thuis.
En als je op de kachel ligt ga je dood, en op het slagveld is God genadig.
Zet me naast de kachel.
Je zag de kapotte kachel in dat huis.
Als jij je zaad nou over de kachel spuit dan loopt het altijd met een sisser af.
Beetje zoals duitsland na sluiten van die kerncentrales nu windmolens afbreekt die op een bruinkool veld staan, omdat anders de kachel stopt met branden.
Begrijp het wel, ook daar moet de kachel blijven branden zoals overal, maar jaagt dit niet de inflatie steeds verder aan wanneer het overal alsmaar wordt geëist?
Daags nadien verbrandde ze het babylichaampje in de kachel van haar ouders.
Daar leeft hij dan van eigen geteelde worteltjes en patrijzen, en houtkap voor de kachel.
Dat is de kachel nog lager, duur eten, minder algemene voorzieningen, onbetaalbare zorg enz etc.
Veelvoorkomende combinaties met kachel
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- de kachel 115×
- kachel aan 14×
- kachel op 9×
- kachel in 9×
- kachel en 9×
- kachel niet 8×
- elektrische kachel 7×
- een kachel 6×
- geen kachel 5×
- kachel staat 4×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "kachel" in een zin?
Wat betekent "kachel"?
Wat zijn synoniemen van "kachel"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "kachel" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl