Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Kamerdienaar.

Kamerdienaar

Kamerdienaar betekenis

persoonlijke bediende van een rijk of machtig persoon

Synoniemen van Kamerdienaar

Voorbeeldzinnen (10)

Mensen als Ajay, de kamerdienaar en cocktailshaker van Sunny Wadia die het schopt tot zijn lijfwacht en huurmoordenaar, behoorden tot het personeel van haar vrienden.

De rol is in veel opzichten gelijk aan die van een kamerdienaar (oorspr.

Op de voorgrond schilderde hij een jonge kamerdienaar en een hondje aan de leiband.

In het klooster, waar zijn vader als kamerdienaar van de abt werkt, houdt de zoon het niet lang uit.

Op zichzelf zou Alexanders reislust niets bijzonders zijn, ware het niet dat zijn kamerdienaar, Johannes van Balen, van twintig reizen in de periode 1871-1881 nauwgezet een dagboek bijhield.

Des anderen daags verscheen Mylord niet als gewoonlijk hij het luncheon; hij had nog veel te regelen voor zijne afreis, hoewel zijn kamerdienaar met de koffers later zou volgen.

Albert laat door zijn kamerdienaar aan zijn vader weten dat Monte Cristo niet dood is.

In de late middeleeuwen kregen hofschilders ook wel de functie van kamerdienaar.

Pluvinel's boek werd postuum gepubliceerd door de Vlaamse graveur Crispijn van de Passe de Jonge en de koninklijke kamerdienaar J.D. Peyrol, eerst in 1623 onder de titel 'Maneige Royal' met talrijke gravures, doch zonder dat de tekst geredigeerd werd.

Twee andere ik-figuren splitsen zich nu van hem af: de ene is een Duits schrijver uit het begin van de twintigste eeuw die grote gelijkenis vertoont met Thomas Mann en een homo-erotische affaire heeft met een kamerdienaar.