Bekijk voorbeeldzinnen, synoniemen en woordvormen van Kastelein.

Kastelein betekenis

de plaatsvervanger van de kasteelheer in het beheer van het kasteel | een belangrijke ambtenaar die in dienst stond van de landheer en optrad in de rechtspraak en bestuur | een kroeg- of herberguitbater

Synoniemen van Kastelein

Voorbeeldzinnen (20)

De vrouw van de kastelein neemt ontsteld de slapende Harewar de pruik van de kastelein af.

De politie regio Turnhout heeft maandagnamiddag op Kastelein in Turnhout 485 bestuurders gecontroleerd.

Historicus en schrijver Eric Kastelein geeft komend weekend een lezing over het herinneringserfgoed in Parimaribo.

In Heijningen stapt een kastelein in zijn bootje.

Kastelein, een nummertje en een rondje namens mij.

Kastelein en een rondje namens mij.

Kastelein, graag een rondje en een nummertje namens mij.

Kastelein, ik ga zo naar bed, een rondje en een nummertje namens mij.

Met de kastelein heb ik een afspraak daarover kunnen maken.

De kastelein regelt de bestellingen, terwijl de derde vampier nog zit te denken.

Enige wat kastelein kan doen is die gast attenderen dat hij niet mag rijden.

Gaat een beetje mank Mickey, want moet die kastelein dan beboet worden als het mis gaat?

Kastelein, een dubbele Trappist graag.

Kastelein, een nummertje van mij en zo ook en rondje namens mij.

Kastelein, een rondje en een nummertje speciaal voor Kees van mij.

Kastelein, kunt U mij een pilsbier doen bekomen?

Kastelein: “We weten natuurlijk dat op dit moment elke euro telt.

Maar goed, dit is een kroeg, kastelein een rondje en een nummertje namens mij.

Volgens PNN-voorzitter Anneke Kastelein wordt over de aanbevelingen gesproken met de koepelorganisatie van universiteiten UNL.

Als kastelein was Maarten ouwendijk goed op de hoogte van het lokale nieuws.