Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kasticket.

Kasticket

Kasticket betekenis

kassabon

Voorbeeldzinnen (12)

Vanaf 1 augustus mogen Franse winkeluitbaters enkel nog een papieren kasticket geven aan klanten die daar expliciet om vragen.

Dat soort mensen heeft totaal geen idee van wat dat is: een auto afbetalen, de verzekering, het kasticket in de supermarkt of aan de pomp.

Jorik Scholten, zoals de rapper echt heet, toonde enkele van zijn aankopen op het kasticket.

Huismerken vertegenwoordigen dus gemiddeld ongeveer dertig procent van het bedrag dat terug te vinden is op het kasticket van de klant.

Tot die tijd is ook de truc met het vergeten kasticket populair.

Via de app krijgen ze ook het kasticket toegestuurd.

Er zijn dan ook geen sancties voor winkels die geen papieren kasticket geven.

Tot zaterdag krijg je als klant een stempel op je kasticket.

Zo blijkt op het gemiddelde kasticket in onze regio 1.110 frank te staan.

Klanten krijgen hun geld terug, ook als ze het kasticket niet hebben bijgehouden.

BRUSSEL - De warenhuisketen Colruyt zegt in een persbericht dat de prijsvergelijkingen die ze op haar kasticket maakt met producten van concurrenten wel degelijk betrouwbaar zijn.

Op vertoon van het kasticket betalen wij u de zes flesjes terug en krijgt u 100 plus -punten.