Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kenden.

Kenden

Kenden | Kend | Kender | Kendenup

Voorbeeldzinnen (20)

In dit geval lukte het kea, een Nieuw-Zeelandse papegaaiensoort, om steeds uit twee foto’s het plaatje te kiezen van het gezicht dat ze kenden, dan wel niet kenden.

Deze nomaden kenden geen steden en hadden buiten hun meegebrachte kuddes weinig van waarde waardoor ze geen echte plaatsen kenden die ze gedwongen waren te beschermen.

Wetende dat twee van de voorgaande drie races dit seizoen plotselinge wendingen kenden door een safety car-situatie en hierdoor een verrassende winnaar kenden, lijkt ook de uitkomst in Baku uiterst onvoorspelbaar.

In ons land kenden wij kenden vanaf 1909 de ‘Amsterdamse Tijd’: de tijd die de Westertoren aangaf.

Alles was goed voor 1980.we sliepen zelfs met de deuren en ramen open,kenden geen avondklok,niemand werd uit hun slaap gerukt en naar fort zeelandia overgebracht voor een executie, we kenden geen coup,bouta amnestie en vergiffenis ….

Bijvoorbeeld: dat kinderen die het alfabet kenden veel en veel sneller leerden dan kinderen die het niet kenden.

We kenden Odiliapeel al van voor de winterstop (1-1), en kenden ook hun sterke kracht: de voorhoede, met name de linksbuiten, die er vandaag tegen Martijn maar nauwelijks aan te pas kwam.

Bernucci en Petacchi kenden immers elkaar al van in hun Fassa Bortolo-periode waar ze een soortgelijke rolverdeling kenden.

De Europese integratie is begonnen om een eind te stellen aan de talrijke en bloedige oorlogen tussen buurlanden, die hun hoogtepunt kenden in de Tweede Wereldoorlog.

Het is het einde van de wereld zoals wij die kenden.

We kenden geen compassie voor de compotloze kobolden.

Het was overduidelijk dat die twee vrouwen elkaar goed kenden.

Ondanks dat ze elkaar niet goed kenden, wisten ze allebei dat het liefde was.

Ik denk dat jullie mijn vader kenden.

De kerstversieringen kenden een hausse.

Ik dacht dat jullie hem niet kenden.

Ze kenden me.

Wanneer kenden jullie elkaar?

Tom en ik deden alsof we elkaar niet kenden.

Onze moeders kenden elkaar.