Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kerkmeesters.

Kerkmeesters

Kerkmeesters | Kerkmeester | Kerkmeesterskamer

Voorbeeldzinnen (20)

Leen was gevraagd en ongevraagd de belangrijkste (juridisch) adviseur van het College van Kerkmeesters over bouwkundige zaken.

De begrafenissen onder de vloer zullen zijn doorgegaan en veel geld hebben opgebracht voor de kerkmeesters.

De eerste kerkmeesters waren Gerardus Johannes Welpelo en Johannes Bekkers.

Dit vindt plaats met instemming van de inwoners van Groessen tijdens het pastoraat van pastoor Jacob Vallick en de kerkmeesters Reinder Noerinck, Roeloff van Heeckeren en Jan Aelst.

Hoezeer de kerkmeesters uit waren op uiterlijk vertoon blijkt wel uit de verborgen buffetnis waardoor menig bezoeker wordt verrast.

Ook na zijn overlijden probeerden de kerkmeesters nog tweemaal om de toegezegde gelden te incasseren.

Toch is de legende zeker meer dan alleen maar een "uitvinding" van middeleeuwse kerkmeesters die hun kerk aantrekkelijk wilden maken voor bedevaarders.

Zij lieten in de kamer van de kerkmeesters een afgesloten bewaarplaats voor deze kartons inrichten.

In het begin van de middag reist een comité van kerkmeesters naar de Brabantse hoofdstad om de bisschop vanuit zijn paleis op te halen.

De grafzerk met de beeltenis van een vrouw (St. Liduina?) wordt door de kerkmeesters van de Hervormde Gemeente overgedragen aan het St. Liduinagesticht.

Deze kerkmeesters waren meestal welgestelde burgers of belangrijke stadsnotabelen.

In 1518 was er al sprake van een eigen zelfstandige parochiekerk, zo schreven de kerkmeesters van toen.

Morgen voormiddag zullen de Kerkmeesters bij Van Dam zitting houden om de gelden der banken en stoelen te ontvangen.nsdag na de H. Mis zullen dan enkele plaatsen voor 1 jaar verpacht worden.

Zo werden de vier kerkmeesters in beeld gebracht door vier zonen van de leden, die toen deel uitmaakten van het kerkbestuur.

Toen de kerk in 1810 aan de kerkmeesters werd overgedragen, bleef de toren het eigendom van de gemeente, tot op heden.

Opmerkelijk is het houten plafondgewelf dat bezaaid is met familiewapens van kerkmeesters.

Het verzoek leidde er toe, dat de benoeming van de twee kerkmeesters ongedaan moest worden gemaakt, maar verder luidde de boodschap dat voorlopig alles bij het oude moest blijven.

Het raam daarnaast is waarschijnlijk door burgemeesters en kerkmeesters van 1709 geschonken; Onder de troon van de stedenmaagd is het glas gemerkt: 'S.

Deken weert oud-kerkmeesters van borrel - Dagblad De Limburger - Limburgs Dagblad (Titel).

In 1643 werden de wapenschilden van de kerkmeesters onder het hoofdwerk van het orgel bevestigd.