Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Keukentafel.

Keukentafel

Keukentafel betekenis

De tafel in de keuken wordt gebruikt om aan te eten en om het eten te bereiden

Voorbeeldzinnen (20)

De grote kookpot staat op de keukentafel.

Tom zat aan de keukentafel.

Sami zat aan de keukentafel.

Tom zat alleen aan de keukentafel.

De kat zit op de stoel en kijkt naar het vlees dat op de keukentafel ligt.

Maria zette haar handtas op de keukentafel.

Tom zette de tassen op de keukentafel.

Tom liet een briefje op de keukentafel achter.

Ik denk dat ik mijn sleutels op de keukentafel heb laten liggen.

Het meisje zat op een stoel bij de keukentafel.

Ik doop u HM Keukentafel.

Ja hoor, nadat ik mijn keukentafel heb verbrand.

Ze zat aan de keukentafel.

Aan de keukentafel gaat het over de Spelen missen op achthonderdste, wat Marcel in 1996 gebeurde.

Aan die keukentafel bouwen ze in ieder geval geen website.

Aan het eind van die dag stond dat platbrood op mijn keukentafel, en misschien aan het eind van deze dag ook wel op die van u.

Als gast kan je in De Keukentafel kiezen tussen een plek aan de lange tafel of aan de keukentoog midden in de actie van chef Anna.

Als kind zat Lisa regelmatig met haar moeder aan de keukentafel discussies te voeren over politiek en grenzen aan de groei en de groene beweging die net in Nederland opkwam.

Dat ik vier dagen later aan de keukentafel zat met drie vrienden met een bordje pasta voor een goed gesprek en dat ik eergisteren rond een walmende barbecue zat met vijf vrienden van heel vroeger.

De keukentafel bij haar thuis in Amsterdam was een belangrijk onderdeel van haar werkwijze.