Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kleden.

Kleden

Kleden | Kleding | Klederen

Kleden betekenis

kleren aandoen | zich ~: met weefsel bedekken, van kleding voorzien

Kleden translation to English

Voorbeeldzinnen (20)

Zij kleden zich uit en kleden zich erotisch aan.

De ‘nieuwe’ kelim kleden hebben veel weg van de originele kelim kleden uit het Oosten maar dan met de invloeden van nu.

Vanille wordt vaak aangetroffen bij middeleeuwse kleden uit het Middellandse Zeegebied, maar niet in kleden ouder dan de middeleeuwen.

Je dient je correct te kleden voor deze winkel.

Hij deed niets anders dan haar met zijn ogen uit te kleden.

Hoe hoor ik mezelf te kleden?

Hoe moet ik mezelf kleden?

Ik moet naar huis om me om te kleden.

Waarom kleden jullie je uit?

Waarom kleden jullie je aan?

Om carrière te maken moet je je geheel in het grijs kleden, altijd in de schaduw blijven, geen initiatief tonen.

Ik adviseer je om je om te kleden.

Ik heb meerdere uniformen nodig om me tijdens mijn dienst om te kleden.

Nu kleden we hem goed aan.

Hij wist zich te kleden, dat gaf hem het idee dat hij geschikt was koning te zijn.

Ik ga naar het hotel om me om te kleden, ik zie jullie bij de kerk.

Je mag je dan nu kleden als Cheech and Chong, maar je rookt wiet als een 10-jarig meisje.

Door me te kleden... als die snol uit Philadelphia.

Ze zei dat ze naar huis ging om om te kleden.

Ze zitten in de dezelfde trein en de auto's staan klaar, zodat ze de tijd hebben zich om te kleden.