Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kleeden.

Kleeden

Voorbeeldzinnen (3)

Zij dienen zich "zedigh te kleeden" (oude spelling, want oud boekje).

Geen kleeden dekken meer den vloer, geen paard staat in den stal.

Haar vroegste opvoeding had haar zeer zeker niet in staat kunnen stellen, haar gedachten in dien onberispelijken vorm te kleeden.