Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kleinstedelijke.

Kleinstedelijke

Voorbeeldzinnen (6)

De jonge, opvliegende graaf en de alwetende, kleinstedelijke barbier Figaro waren ooit vrienden.

Mocht u mij een andere regionale krant kunnen aanraden die de kleinstedelijke Amsterdamse problematiek aankaart?

In een open brief spreken ze over het ezelsoor als 'het grootste monstrum van Amsterdam' en schrijven ze dat het nog het best te typeren is 'als een pijnlijk monument van kleinstedelijke belangenstrijd.

Die verstilde portretfoto’s dwarrelen door de film als getuigen van de vroege jaren zestig in het kleinstedelijke en nog stijve Great Falls, waar de straten oorverdovend leeg zijn.

Waar kinderen vroeger opgroeiden in rurale kleinstedelijke gebieden, veranderde het maatschappelijke panorama langzaam in een van grote metropolen en verregaande industrialisatie.

In zijn middelste periode (1919-1943) worden kleinstedelijke en industriële taferelen het onderwerp van zijn aquarellen.