Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Knarst.

Knarst

Knarst | Knarstand | Knarsten | Knarste

Voorbeeldzinnen (16)

Wie vandaag zijn kop in het zand steekt, knarst morgen met zijn tanden.

Hij knarst zijn kiezen tot gruis.

Want terwijl de meningenmengelmoes op sociale media knettert, knarst en vonkt, lijkt de boodschap op en rond het Brusselse Schumanplein eenvoudig en eenduidig gedragen in de vorm van honderden kartonnen bordjes.

En onderaan de streep: het piept en knarst in de coalitie van vier partijen die er de vorige keer ook al zo'n puinzooi van hebben gemaakt en nooit samen in een nieuw kabinet hadden moeten gaan zitten.

En het zand knarst mij nu tussen de tanden.

Bovenop die muur om de zoveel meter een windmolen die piept en knarst zoals in de oude Westerns, gewoon omdat het kan.

De financiering van de jeugdzorg is een van de thema’s waar het “knarst en piept”, beaamt Van Zanen.

Waarop ze beiden opbiechten een hekel aan elkaar te hebben; als moeder vertelt over haar vaginale kanker – „Binnenkort snijden ze mijn schaamlippen af” – knarst Thomas dat het spijtigste nog is dat hem dat volledig koud laat.

En hier wringt, schuurt, piept en knarst er iets in Fukuya ma's verhaal, aangezien hij tot nu toe steeds uitging van een lineaire geschiedopvatting.

Af en toe piept en knarst er iets, maar ik geloof niet dat Christine hier iets aan kan doen.

Er knarst ook een kristalletje tussen de tanden.

Ons eilandgevoel knarst tijdens het doorkruisen van de met drijfmest doordrenkte eilandpolders.

Bekender is een jutezak o.i.d. Denk er echter om dat deze zak goed schoon is anders knarst het zand zo tussen je tanden.

Het CBBS van het UWV knarst en kraakt.

Sinds kort heb ik last van mijn linkerknie, hij knarst als het ware, doet geen pijn.

Het gruis knarst regelmatig onder de wielen.