Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Knibbel.
Voorbeeldzinnen (10)
Knibbel knabbel knuisje spotje dan denkt iedereen nu meteen aan Kaag.
Knibbel knabbel knuisje, wie snoept er van m'n boompje?
Op de redactie klonk het meerstemmig: ‘Knibbel, knabbel, knuisje, Wie knabbelt aan mijn huisje?
Knibbel knabbel knuisje, wie knabbelt er daar uit het vuistje?
Knibbel-knabbel-knuisje, wie restaureert er zijn bakhuisje?
Meer iemand van knibbel knabbel knuisje, wie knabbelt aan mijn huisje.
Als Hans een ander stuk afbreekt van het huis, roept de stem weer "Knibbel, knabbel, knuisje!
Knibbel knabbel knuisje wie eet daar van mijn huisje?
Knibbel knabbel knuisje, met deze trend ga je bijna knabbelen van je huisje!
Het knibbel-knabbel-knuisje-huisje met in de garage drie Porsches en twee Mercedessen was het eigendom van Tom en Janice Reedy, die nog geen jaar daarvóór het cash hadden gekocht voor een slordige 1,5 miljoen dollar.
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl