Knokken betekent: vechten. Verwante woorden zijn vechten of strijden. Hieronder vind je 20 voorbeeldzinnen die laten zien hoe je Knokken in de praktijk gebruikt.

Minder gangbaar woord

Knokken in een zin

Knokken | Knokkers | Knokkende | Knokkend | Knokker | Knokk | Knokkenaar

Knokken betekenis

  1. vechten
  2. (figuurlijk) vechten

Synoniemen van Knokken

Voorbeeldzinnen (20)

De ontlading met het bekende hartje richting de fans was groot - want wat moet hij knokken voor een basisplaats.

Dapper hoor om zo te knokken maar je vecht tegen een leger wat enkel op grote afstand artillerie kan inzetten.

Algemeen directeur Hans Langenhuizen heeft hiermee jaren moeten knokken tegen verbazing en ongeloof als hij dit uitlegde.

Een beetje de Klingons van de aardse Federatie, knokken, vechten en mekaar intimideren lijkt de norm te zijn.

Ze zullen niet tegen de Ivan’s van de Oekraïne willen knokken, kan is veel te groot dat ze dan op bezoek bij Allah mogen.

Het jaar na de Olympische Spelen van Tokio moest hij zich terug zien te knokken van een zware voetblessure.

De Groningers hoefden niet langer te knokken tegen de multinationals, maar raakten verstrikt in een bestuurlijke spaghetti.

Enfin, moederinstinct enzo, alleen Glenda de politie te bellen en werd het meppen, knokken, knietjes uitdelen en bedreigen.

Advertentie

Een aanzienlijk stuk van ‘Marvel’s Spider-Man 2’ ben je aan het knokken, en het tempo ligt bijzonder hoog.

Deze vrijgevochten carrièrevrouwen maakten met hard knokken hun dromen waar en zijn het gezicht van hun eigen succesverhaal.

De Finse premier Sanna Marin moet knokken om de verkiezingen te winnen: ‘Het gelukkigste land ter wereld?

Dimitri Van den Bergh heeft zich tot in de halve finale kunnen knokken van de German Darts Championship.

De thuisploeg leek na een 2-0-voorsprong op rozen te zitten maar moest tot op het einde knokken om de gelijkmaker te voorkomen.

Mijn persoonlijke advies: blijven knokken en volhouden, ook al is het maar centimeters of millimeters.

De viervoudig wereldkampioen veldrijden wist zich echter elke keer weer een weg naar voren te knokken.

De jonge ondernemer wilde niet knokken tegen de grote, gevestigde bedrijven en zocht daarom naar interessante niches in de markt.

Hamilton heeft zich in een matige auto naar voren moeten knokken omdat hij na een zwakke pitstop weer als 9e ofzo op de weg kwam.

Gelukkig weten de Oekies nog wat knokken is, anders waren de Russen al heel wat dichterbij intussen.

Gent, Genk en Club Brugge knokken voor een plaatsje in de Conference League, terwijl Union in de Europa League probeert te geraken.

Na middernacht wordt het ook nog eens knokken tussen Joost Eerdmans (JA21), Sylvana Simons (BIJ1) én Kamervoorzitter Vera Bergkamp.

Advertentie

Veelvoorkomende combinaties met knokken

Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:

  • te knokken 46×
  • knokken voor 26×
  • knokken om 21×
  • moeten knokken 20×
  • knokken en 15×
  • het knokken 15×
  • knokken tegen 10×
  • knokken met
  • knokken maar
  • gaan knokken

Veelgestelde vragen

Hoe gebruik je "knokken" in een zin?
Een voorbeeld: "De ontlading met het bekende hartje richting de fans was groot - want wat moet hij knokken voor een basisplaats." Op deze pagina vind je 20 voorbeeldzinnen met het woord "knokken" uit echte Nederlandse teksten.
Wat betekent "knokken"?
Knokken betekent: vechten
Wat zijn synoniemen van "knokken"?
Bekende synoniemen van "knokken" zijn: vechten, strijden.
Hoeveel voorbeeldzinnen met "knokken" zijn er?
Op Voorbeeldzinnen.info staan 20 voorbeeldzinnen met "knokken", uit een database van meer dan 16 miljoen Nederlandse zinnen.

Over deze voorbeelden

De 20 voorbeeldzinnen op deze pagina bevatten het volledige woord knokken. We verwijderen dubbele, te korte, onvolledige en technisch vervuilde zinnen automatisch. De betekenis is afkomstig uit Wiktionary. Lees meer over de bronnen en controles op de pagina over Voorbeeldzinnen.info of bekijk hoe je een correctie meldt.