Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Knuffelde.

Knuffelde

Voorbeeldzinnen (20)

Hij knuffelde haar.

Het kleine meisje knuffelde haar teddybeertje.

Tom knuffelde zijn teddybeer.

Maria knuffelde haar teddybeer.

Hij knuffelde zijn teddybeer.

Ze knuffelde haar teddybeer.

Ze knuffelde hem.

Ze knuffelde de baby tegen haar borst.

Het meisje knuffelde haar pop.

Hij knuffelde zijn knuffel.

Het blonde meisje knuffelde haar paardje.

Maar ik knuffelde niet terug.

Hij knuffelde me in de lift.

Meteen knuffelde ze me.

Verontwaardigde omstaanders zagen hoe de vrouw, naar verluidt een Amerikaanse, alle ‘niet aanraken’-bordjes negeerde en deed alsof ze het beeld kuste en knuffelde.

In de tribune knuffelde een knappe Braziliaanse journaliste alleszins haar collega.

Toen de de militairen voorbij waren kwam hij weer naar mij toe en knuffelde hij mij, in tranen.

Ze knuffelde ze niet, bleef ook daar afstandelijk.

Hij knuffelde na de vlucht zijn geliefden en leek euforisch.

Daarnaast bleek bruidegom Grapperhaus zijn gasten gewoon de hand te schudden én knuffelde hij zijn bejaarde schoonmoeder.