Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Kohlbrugge.

Kohlbrugge

Voorbeeldzinnen (20)

Op initiatief van dr. Hebe Kohlbrugge, achterkleindochter van de bekende hervormde theoloog Kohlbrugge (1803-1875) is een brief verzonden naar het synodebestuur van de Protestantse Kerk.

Dat deed hij bij J.H.F. Kohlbrugge op een volkenkundig onderwerp.

Enkele maanden later overleed Kohlbrugge op 102-jarige leeftijd.

Kohlbrugge is twee keer getrouwd geweest.

De vrienden van Kohlbrugge weten zich niet alleen verbonden met de predikant uit Elberfeld, maar bijvoorbeeld ook met Augustinus, Luther, Calvijn, Pascal, Groen van Prinsterer, Kierkegaard en Munk.

Zoals er goede redenen zijn de Grote Drie te lezen, zo zijn er minstens zo goede redenen om Luther, Kohlbrugge en Wulfert Floor te blijven lezen.

Hij werkt dit uit aan de hand van het postuum uitgegeven boek van Hannah Kohlbrugge De islam aan de deur en wijst op de tendens die er bestaat om voortdurend generaliserend over de islam te spreken.

Juist die moed, om haar geld, haar werk of haar leven te verliezen, heeft precies het verschil gemaakt en ervoor gezorgd dat Kohlbrugge zich keer op keer, al een eeuw lang, in het kamp bevindt van mensen die zich niet neerleggen bij onrecht.

Allereerst komen in aanmerking de werken van Dr. H.F. Kohlbrugge.

Als jong student al zocht Kohlbrugge aansluiting bij personen die deel uitmaakten van de ontluikende vriendenkring van het Réveil.

Dat blijkt, want in een van de rondzendbrieven worden de ‘Zes preken gehouden voor het begin van de oorlogstijd in het jaar 1870’ van Kohlbrugge aanbevolen.

Destijds is aan Kohlbrugge zelf verweten, dat hij te lijdelijk zou zijn, omdat hij zo hartstochtelijk afwees, dat de mens, die zondaar is en blijft, zelf zijn eigen heiligmaking zou oprichten en ook deze niet als genadegave Gods in Christus zou ontvangen.

Ds. Kromsigt bracht hem ook in aanraking met de geschriften van dr. H.F. Kohlbrugge.

In het onlangs verschenen werk van de hoogleraren dr. G. van den Brink en dr. C. van der Kooi, Christelijke dogmatiek, komen we de naam H.F. Kohlbrugge enkele malen tegen.

Kohlbrugge mag de vrije en vrijblijvende genade Gods duidelijker hebben gezien dan Calvijn, de Geneefse hervormer heeft de problematiek van de verhouding tussen God en mens over het geheel toch beter doorzien.

Kohlbrugge past in geen enkel kader, en ik denk dat dit ook geldt voor ieder die een Kohlbruggiaan is.

Na een inleidend hoofdstuk over de tijd van Kohlbrugge, wijdt de auteur bijna 300 pagina’s aan diens leven en nagenoeg 200 bladzijden aan zijn prediking.

Opmerkelijk is wat Gobius in een brief van 25 juni 1857 aan Kohlbrugge schrijft: "zoo heb ik dan aan U te danken leven, vrouw en eene gemeente om Jezus Christus' wil".

Speciaal wat de Nederlandse levensperiode van Kohlbrugge betreft, blijft het boek een nuttige informatiebron, waaruit dankbaar wordt geput.

Toen Kohlbrugge weigerde zijn godsdienstoefeningen te staken, dreigde Krummacher hem dat hij het land zou worden uitgezet!