Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Koninkrijks.

Voorbeeldzinnen (9)

Er zijn tal van onherboren bondelingen, die straks als kinderen des koninkrijks buiten geworpen worden.

Ach ja, zalig zijn de simpelen van geest, want zij zullen het koninkrijks Gods beërven.

Ze hadden wel een Koninkrijks paspoort, maar dat is wat anders als een exclusief Nederlands paspoort, dat bestaat namelijk niet.

Het moet minstens een Koninkrijks-effort zijn.

Een dergelijke financiële overheidscrisis, dan wel een Koninkrijks-interventie lijkt ons ongewenst.

Het lijkt bijna een minister van Koninkrijks-ruzies in plaats van Koninkrijksrelaties.

Nu de vijftigste verjaardag van het Koninkrijks statuut van 1954 nadert, wil Nederland voor de zoveelste maal «orde op zaken» stellen in zijn overzeese rijksdelen.

Ten minste tweemaal per jaar vindt het Koninkrijks PG-overleg (KPG-overleg) plaats waarin de PG van Curaçao, Sint Maarten en de BES overleg pleegt met de PG van Aruba en de voorzitter van het Nederlandse College van procureurs-generaal.

Wie voor wonderen bidt, creëert een stukje Koninkrijks-gebied.