Bekijk voorbeeldzinnen en woordvormen van Krabbend.

Voorbeeldzinnen (7)

Door het aanstaande krabbend anker zonk de onderzeeër weer, ergens voor de kust van Helgeland in Noorwegen.

Even goed kijken: baardgroei, spijkerbroek, onschuldige glimlach, benen over elkaar, smoezelige nagels, ongekamd haar, enigszins onderuit gezakt en veelvuldig achter de oren krabbend.

Zich achter de oren krabbend wat hij er nu in vredesnaam van heeft opgestoken.

Diogenes weerstaat Alexander de Grote, 'zich krabbend,// of aftrekkend', Thales van Milete verwondert zich over het vochte, dat de oorsprong van alles is, 'de adem inhoudend om zoveel/ verbazing om niets'.

Als Donald Trump en Kim Jong-un zich niet beheersen, wordt de aarde in net zulk duister gehuld en breekt een langdurige nucleaire winter aan – maar mijn kippen maken, al krabbend, goede kans om de nieuwe golf van massa-extinctie te overleven.

Roosje ligt heel diep te snurken, trekt zich niets aan van de nog steeds half op haar hangende Emma en aan de stoel krabbend Muisje!

Vanwege de kleurstelling en omdat we al krabbend echt bladgoud vonden tussen de haren van Maria.