Leenman is een Nederlands woord. Hieronder vind je 10+ voorbeeldzinnen die laten zien hoe het in de praktijk wordt gebruikt.
Leenman betekenis
iemand die een gebied van een hogere edele (de leenheer) in leen heeft gekregen in ruil voor militaire bijstand en persoonlijke trouw
Gebruik van Leenman
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: iemand die een gebied van een hogere edele (de leenheer) in leen heeft gekregen in ruil voor militaire bijstand en persoonlijke trouw
- In het voorbeeldencorpus komt leenman vaak voor in combinaties zoals: leenman van, de leenman, een leenman.
Context rond Leenman
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 19 woorden
- Plaats in de zin: 6 begin, 10 midden, 4 einde
- Zinsoorten: 20 stellend, 0 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Leenman
- In deze selectie staat "leenman" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 19 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral werden, scheepswerf, laatste, trouw en trok op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "leenman".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn aan de leenman af te en aan de leenman niet toegestaan. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "leenman" dicht bij woorden als aandachtsgebied, afweren en agnelli, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met leenman
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
De laatste wordt zijn leenman. (5 woorden)
Leenman was toen Arend Sticke. (5 woorden)
Hij werd nu leenman van de Franse koning. (8 woorden)
Door deze ceremonie werden leenman en leenheer aan elkaar gebonden in een systeem van wederzijdse verplichtingen waarbij de leenman trouw en hulp, auxilia, aan zijn leenheer beloofde, die op zijn beurt zijn vazal een leen schonk en bescherming beloofde. (39 woorden)
In ruil daarvoor dienden die ondergeschikten én het hofland (saalgoed) voor de leenman te bewerken, én een deel van de opbrengst van hun eigen landerijen aan de leenman af te staan. (31 woorden)
Dit rijk omvatte naast Engeland en Normandië ook de door erfenissen en huwelijk verworven bezittingen en maakte van de Engelse koning, met als moedertaal Frans, dus de machtigste leenman in Frankrijk. (31 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
Door deze ceremonie werden leenman en leenheer aan elkaar gebonden in een systeem van wederzijdse verplichtingen waarbij de leenman trouw en hulp, auxilia, aan zijn leenheer beloofde, die op zijn beurt zijn vazal een leen schonk en bescherming beloofde.
In ruil daarvoor dienden die ondergeschikten én het hofland (saalgoed) voor de leenman te bewerken, én een deel van de opbrengst van hun eigen landerijen aan de leenman af te staan.
De oorspronkelijke eigenaar die dan leenman werd, behield het vruchtgebruik maar moest wel de militaire verbintenissen nakomen als nieuwe leenman.
Hij fungeerde daarvoor als leenman van de hertog, zoals hij dat voor de graaf was voor zijn Hollandse bezit.
Op verschillende andere delen van het traject langs het Zwarte Water en grofweg, tussen de Industrieweg bij scheepswerf Leenman en het Westerveldsebos, is het wel nodig om bomen te kappen.
De koning van Napels was toen formeel een leenman van de paus.
De laatste leenman van Hemmen was Adriaan Sibinga in 1795.
De laatste wordt zijn leenman.
De leenman trok kolonisten, vaak hospites genoemd, aan die het ontginningswerk verrichtten en eigenaar van een perceel werden.
Deze kolonisten bewerkten de grond; goed voor de leenman (zijn grond werd meer waard) en goed voor de kolonist (hij kon van de opbrengst van de grond leven).
Dit rijk omvatte naast Engeland en Normandië ook de door erfenissen en huwelijk verworven bezittingen en maakte van de Engelse koning, met als moedertaal Frans, dus de machtigste leenman in Frankrijk.
Het was in principe aan de leenman niet toegestaan om het domein dat hij in leen had over te dragen op zijn erfgenamen.
Hij werd nu leenman van de Franse koning.
In 1340 was Henric Woutgheers van Sweensberghe leenman van de molen.
In 1390 kreeg Hesso van graaf Johan IV van Habsburg-Laufenburg de stad Prechtal in leen, waarmee hij officieel diens leenman werd.
In 1398 werd Gerrit samen met Willem van den Rhyn t'Utrecht genoemd als leenman van de graaf van Holland.
In 1461 werd de familie Reich von Reichenstein leenman.
In 1979 is het schip verkocht aan de fam. Leenman te Woudrichem, die het Zwerver noemde.
Jan was echter een leenman van Holland, maar had de afgelopen jaren veel expansie en rijkdom vergaard waardoor hij machtig was geworden.
Leenman was toen Arend Sticke.
Veelvoorkomende combinaties met leenman
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- leenman van 32×
- de leenman 20×
- een leenman 13×
- als leenman 11×
- leenman en 6×
- leenman werd 5×
- zijn leenman 5×
- leenman te 4×
- leenman was 3×
- leenman zijn 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "leenman" in een zin?
Wat betekent "leenman"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "leenman" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl