Leerlooier is een Nederlands woord. Hieronder vind je 10+ voorbeeldzinnen die laten zien hoe het in de praktijk wordt gebruikt.
Leerlooier in een zin
Gerelateerde woorden
Leerlooier betekenis
iemand die van een dierenhuid leer maakt
Gebruik van Leerlooier
- De belangrijkste betekenis op deze pagina is: iemand die van een dierenhuid leer maakt
- In het voorbeeldencorpus komt leerlooier vaak voor in combinaties zoals: van leerlooier, een leerlooier, de leerlooier.
Context rond Leerlooier
- Gemiddelde zinslengte in deze voorbeelden: 19.8 woorden
- Plaats in de zin: 5 begin, 9 midden, 6 einde
- Zinsoorten: 19 stellend, 1 vragen, 0 uitroepen
Corpusanalyse van Leerlooier
- In deze selectie staat "leerlooier" meestal in het midden van de zin. De gemiddelde voorbeeldzin telt 19.8 woorden en het corpus bestaat hier vooral uit stellende zinnen.
- Direct rond het woord vallen vooral vierde, brabantse, vader, christiaan, leraar en koopt op; die woorden geven extra context aan het gebruik van "leerlooier".
- Herkenbare gebruikssignalen zijn 1745 een leerlooier een weduwnaar en de bemiddelde leerlooier christiaan bierwagen. Daardoor krijgt deze pagina eigen corpusinformatie en niet alleen losse voorbeeldzinnen.
- Qua corpusfrequentie ligt "leerlooier" dicht bij woorden als aandrijfassen, aaneenrijging en aankoopbewijs, wat helpt om het woord binnen de bredere woordenindex te plaatsen.
Voorbeeldtypes met leerlooier
Dezelfde corpuszinnen zijn hieronder uitgesplitst naar lengte en zinsoort, zodat je sneller ziet in welke soort context het woord voorkomt:
Hij werd leerlooier in Dole. (5 woorden)
Sambeek was leerlooier en schoenmaker van beroep. (7 woorden)
Daar werkte hij als leerlooier, leraar en schilder. (8 woorden)
De eerste wordt boer, de tweede visser, de derde smid, de vierde leerlooier, de zesde schoenmaker, de zevende kleermaker, de achtste pottenbakker, de negende voerman, de tiende schipper, de elfde bode en de twaalfde huisknecht. (35 woorden)
Een voorbeeld uit 1745 Een leerlooier, een weduwnaar van 64, wilde hertrouwen met een vrouw van 44. Hij had de jongeren die kwamen praten over het charivari zijn huis uitgejaagd zonder ze geld te geven. (35 woorden)
Of zit er nog een leerlooier in jouw straat, waaraan jij jouw urine verkoopt, en wordt er dagelijks door iemand bij jou aangebeld om 7 uur s' ochtends om je te wekken? (32 woorden)
Of zit er nog een leerlooier in jouw straat, waaraan jij jouw urine verkoopt, en wordt er dagelijks door iemand bij jou aangebeld om 7 uur s' ochtends om je te wekken? (32 woorden)
Voorbeeldzinnen (20)
Toch wordt er nog altijd zeer op hen neergekeken en zijn Dalits aangewezen op ‘onreine’ beroepen, zoals dat van slager of leerlooier.
Daar werkte hij als leerlooier, leraar en schilder.
De eerste wordt boer, de tweede visser, de derde smid, de vierde leerlooier, de zesde schoenmaker, de zevende kleermaker, de achtste pottenbakker, de negende voerman, de tiende schipper, de elfde bode en de twaalfde huisknecht.
De leerlooier koopt de ruwe huiden in partijen van enige honderden huiden en maakt daarbij diverse kwaliteitsklassen.
De vader werkte als leerlooier van bontvellen en stuurde Paul in 1940 richting het beroep van bontbewerker.
Hij werd leerlooier in Dole.
Nolens was de zoon van leerlooier Martin Nolens en Hermina Hubertina Linskens.
Of zit er nog een leerlooier in jouw straat, waaraan jij jouw urine verkoopt, en wordt er dagelijks door iemand bij jou aangebeld om 7 uur s' ochtends om je te wekken?
Kees van Iersel was van origine niet zo'n onruststoker - zoon van een Brabantse leerlooier in Oisterwijk, opgegroeid in een redelijk beschermd milieu.
Op de muur is een grote wandschildering aangebracht van een leerlooier met wereldbol.
Het ontwerp van de latere Rekkensebinnenweg is ook al te zien, evenals het Wievenveld, met op de hoek van de Rekkensebinnenweg het ‘Witte Huis te Mallem’ van leerlooier Van Breda.
Mogelijk betreft het afval van een huisbewerker of leerlooier.
Bij het begin de Dorpsstraat-Suisendijk stond de wonig van de leerlooier van Beckhoven; zijn looierij stond er naast.
Voorbeelden hiervan zijn het pand Litserstraat 13 en de oude leerlooierij Bramerslandstraat 1 die beide omstreeks 1880 in opdracht van leerlooier Christiaan Spierings zijn gebouwd.
De lederhandel van de leerlooier is in 1984 opgericht na een bevriende samenwerking met de firma halegro.
Bijna zou hij net als zijn vader leerlooier zijn geworden, maar zijn wiskundeleraar Laslo Ratz van het Evangelisch Atheneum zette hem op het pad van de exacte wetenschap.
Een voorbeeld uit 1745 Een leerlooier, een weduwnaar van 64, wilde hertrouwen met een vrouw van 44. Hij had de jongeren die kwamen praten over het charivari zijn huis uitgejaagd zonder ze geld te geven.
Enkele jaren na Grenouilles aankomst in het weeshuis, verkoopt Madame Gaillaird hem aan leerlooier Grimal (Sam Douglas).
Sambeek was leerlooier en schoenmaker van beroep.
Zij vond een uitstekende partij in de bemiddelde leerlooier Christiaan Bierwagen uit Dongen, maar haar invloed op de familie in Dussen was minder aansprekend.
Veelvoorkomende combinaties met leerlooier
Deze woordparen komen het vaakst voor in Nederlandse teksten:
- van leerlooier 5×
- een leerlooier 5×
- de leerlooier 4×
- als leerlooier 3×
- leerlooier van 3×
- leerlooier in 3×
- leerlooier en 3×
- of leerlooier 2×
- leerlooier leraar 2×
- leerlooier christiaan 2×
Veelgestelde vragen
Hoe gebruik je "leerlooier" in een zin?
Wat betekent "leerlooier"?
Hoeveel voorbeeldzinnen met "leerlooier" zijn er?
Bekijk perfecte rijmwoorden, halfrijm en assonantie op WatRijmtOp.nl